Leven we in een wiskundig stelsel?

Stel dat we allemaal in een enorme wiskundige theorie leven, bijvoorbeeld de natuurlijke getallentheorie. De gedachte is minder gek dan het lijkt. Zo wordt namelijk een netelig filosofisch probleem opgelost. En is wat een Big Bang lijkt is iets heel anders. De gedachte dat we in een wiskundige theorie leven, is niet nieuw en kent een eerbiedwaardige voorgeschiedenis. De Griekse filosoof en mysticus Pythagoras geloofde met zijn aanhangers, de Pythagoreeërs, dat ons heelal uit getallen bestaat.

De Pythagorasboom, een vroege fractal, bedacht door de Nederlandse wiskundeleraar Albert Bosman lijkt levend, maar is een wiskundige structuur.

Alles is wiskunde
Pythagoras ontleende zijn ideeën waarschijnlijk van eerdere, Indische wijsgeren die als eersten werkelijk verbijsterend grote getallen construeerden. Zo is de grootste tijdeenheid in de hindoeïstische mystiek, de mahamanvantaram, zo’n 311,04 biljoen jaar: meer dan twintigduizend keer zo lang als de ouderdom van het heelal. De hele natuurkunde gaat uit van de veronderstelling dat het heelal op wiskundige wijze is te beschrijven. Met Pythagoras’ sekte liep het niet al te best af – ze bemoeiden zich te veel met politiek en boze ex-sekteleden begonnen een gewapende aanval – maar de ideeën van de Pythagoreeërs leefden voort en werden in de loop der eeuwen verder uitgewerkt in de vorm van wiskunde en natuurwetenschap.

Wat is wiskunde?
Als enige exacte wetenschap is wiskunde zowel reëel als imaginair. Niemand heeft ooit het getal twee of een driehoek gezien; toch gedraagt een twaalftal knikkers zich precies zo als het getal twaalf: het kan slechts worden gedeeld door twee, drie, vier, zes en twaalf (of je moet ze kapotslaan: het dagelijks-leven equivalent van breuken). Deze eigenschap geldt voor alle objecten met een eigen ondeelbare identiteit, of het nu om elektronen, atomen, mieren, mensen, bakstenen, manen, planeten of sterren gaat. Het lijkt dus alsof getallen een metafysische realiteit hebben die ze overal in het heelal laat opduiken.

De grote wiskundige theorieën, denk aan TNT (typographical number theory, de natuurlijke getallentheorie), de meetkunde van Euclides of topologie zijn alle afgeleid van een beperkt aantal beginstellingen: axioma’s. Hierbij worden bepaalde simpele regels gevolgd. Zo is in de natuurlijke-getallentheorie het getal één datgene wat volgt op nul, notatie: S0 (successor van nul). Twee is wat volgt op één: S(S0), dus SS0. Enzovoort.  Op die manier is uit de axioma’s van de getallentheorie elk natuurlijk getal te vormen. Uit een paar axioma’s ontstaat een explosie van stellingen, want door twee stellingen te combineren, ontstaan weer nieuwe stellingen.

Wat wiskunde ook een ijzersterke kandidaat maakt als kraamkamer voor een Theorie van Alles. Immers, er is geen onderliggend systeem nodig om wiskunde te produceren. Het is er al op het moment dat je de axioma’s (beginstellingen) bedenkt. Fysica die voortkomt uit metafysica.

Hoe zou een intelligent, uit wiskundige stellingen bestaand wezen zijn wereld zien?

De oplossingen van sommige chaotische wiskundige systemen lijken om bepaalde punten heen te dansen: de verborgen attractoren.
Stel, er bestaat een wiskundig stelsel dat met wat simpele bewerkingen heel veel complexiteit produceert. Hoe verder je af raakt van het beginaxioma, hoe groter het aantal mogelijke afgeleide stellingen. Dus zou het voor een intelligente waarnemer in dit stelsel het lijken alsof de ‘wereld’ in het ‘verleden’ veel kleiner was en in het verre verleden begonnen is met een ‘oerknal’ (de beginaxioma’s).  Dit zou het heelal van het wezen ook een duidelijke tijdpijl verschaffen.

In veel wiskundige, chaotische systemen kennen we ook iets dat zich een beetje gedraagt als zwaartekracht (al zijn er uiteraard veel elementen die er niet overeenkomen): verborgen attractoren. Als het wezen om een verborgen attractor ‘draait’, zal hij dat ervaren als draaien om een zwaar object. Sommige stellingen leiden samen tot één onontkoombare eindconclusie: een zwart gat met een singulariteit in het centrum. Sneller dan het licht kan niet: elke stelling moet rigide afgeleid worden van eerdere stellingen zonder doorsteekjes. Kortom: het heelal van een dergelijk wezen zou wel eens veel op dat van ons kunnen lijken…

{Edit: n.a.v. de terechte op- en aanmerkingen van Attercopus bijgewerkt}

Burgerschapsexamen: een afstraffing, geen oplossing

Een burgerschapsexamen: volgens sommigen dé oplossing voor onverantwoord gedrag. Een dergelijk examen zou namelijk enkel het burgerschap geven aan mensen die in staat zijn op een bepaald niveau te functioneren. Mensen die, zeg maar, niet te simpel zijn om belangrijke beslissingen te kunnen nemen en daartoe bepaalde rechten te verkrijgen.

Het klinkt als de ideale oplossing: geef mensen die onverantwoord gedrag zouden kunnen vertonen minder rechten. Helaas, dat is het niet. We zullen onszelf, als land, er enkel mee in de vingers snijden.

Elite

Voorstanders van een burgerschapsexamen denken dat, wanneer diegenen die het vereiste niveau niet hebben om goed mee te doen in de samenleving het burgerschap ontzegt wordt, er een elite ontstaat die wel verantwoord gedrag vertoont. Die elite zou weten wat het beste is voor de samenleving en deze naar een hoger niveau tillen.

In de Pruikentijd bepaalde een kleine, gegoede kliek wat het beste was voor de Republiek. In de praktijk betekende dat: hun eigen belang.

Deze zijde van het verhaal is uiteraard in bepaalde opzichten verdedigbaar. Immers, wat is ertegen om de meest competente burgers de meeste rechten te geven?

De keerzijde is echter dat het grootste deel van de samenleving ermee buitenspel wordt geplaatst. Deze mensen zullen minder zelfbeschikkingsrecht krijgen. Zij zullen als gevolg daarvan minder geneigd zijn zich in te zetten voor de samenleving, waardoor we als land beduidend minder burgers zullen hebben die wat opleveren. Zestien miljoen mensen is op wereldschaal al niet veel; een reden om die zestien miljoen mensen zo optimaal mogelijk in te zetten en hen niet aan de zijlijn toe laten kijken.

Stop van de vooruigang

Maar wat misschien nog wel veel erger is op de lange termijn, is dat de vorming van een nieuwe elite de vooruitgang stopt. Immers, wat voor belang heeft de elite daarbij?

Er zal een situatie ontstaan waar ook sprake van was in de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. In de Republiek werden, om oorlogen te financieren, staatsobligaties uitgegeven. De kopers ervan, voornamelijk regenten, werden rijk van de interest die ze erover kregen. Zij hadden dan ook geen reden de financiële positie van het land, of de Statenbond, te verbeteren, want ze werden er zelf beter van.

Geen oplossing
De overeenkomst met een samenleving die een burgerschapsexamen kent, is dat de elite die onvermijdelijk ontstaat, geen reden zal hebben de positie van het volk als geheel te verbeteren. Een burgerschapsexamen is dan ook geen oplossing voor het veronderstelde probleem van gebrekkig verantwoord gedrag; het is het weglopen van de elite voor de problemen. Problemen worden niet opgelost, zij worden genegeerd.

Bovendien; met het toenemende gebruik van verslavende middelen, is haast iedereen wel aan te merken als ‘klootjesvolk’, dat deel van het volk wat dus weinig toevoegt en vooral overlast geeft. Zelfs onze voormalige minister van Binnenlandse Zaken kan dan als incompetent bestempeld worden, puur vanwege het feit dat zij een moment had waarin ze zichzelf niet in de hand had.

En onze voormalige minister staat niet alleen. Er is in Nederland nauwelijks nog een elite, een enkel individu daargelaten. Onder invloed van vooral linkse politiek die de gelijkheid van mensen benadrukt, is de elite zich steeds meer gaan gedragen als het gemiddelde volk. Als je bedenkt dat politiechefs, hoogleraren, parlementsleden en zelfs regeringsleiders zich steeds vaker gedragen op een manier waar je je voor schaamt als burger, dan vraag ik mij af hoeveel mensen eigenlijk nog zouden slagen voor een burgerschapsexamen.

Een echte oplossing
Een burgerschapsexamen zorgt, als het al zou werken, voor een tweedeling in de samenleving. Daar zal vroeg of laat de elite ook de gevolgen van gaan merken.
In plaats van weg te lopen voor de problemen door vervelende mensen buiten de samenleving te plaatsen, zou er naar een echte oplossing gezocht moeten worden. Dat zal deels vanuit de politiek moeten gebeuren: meer geld naar onderwijs, en ook meer kennis in het onderwijs. In plaats van mensen naar beneden, van de sociale ladder af te stoten, zou je ze moeten helpen naar boven te klimmen.

Pas eind negentiende eeuw kwam er meer aandacht voor de allerarmsten en ontstond de burgerrechtenbeweging.

Daar mogen best eisen aan gesteld worden. Je mag ook best wat verlangen van de mensen zelf. Zo zal het gebruik van afstompende middelen verminderd moeten worden. Elitair gedrag moet niet langer veroordeeld worden: iedereen moet het recht krijgen zich zo te gedragen dat zij een voorbeeld zijn voor anderen. We moeten bovendien af van de gedachte dat iedereen voor elkaar moet zorgen. Uiteraard; mensen die niet in staat zijn voor zichzelf te zorgen moet geholpen worden. Maar mensen die domweg niet willen moet ook niet de hand boven het hoofd gehouden worden.

Oftewel…
De echte oplossing is dus niet mensen buitensluiten, maar hen meer kansen geven om mee te doen. En daar een geschikt klimaat voor scheppen waarin zij niet veroordeeld worden wegens elitaire trekjes.

Een burgerschapsexamen is uiteindelijk ook maar een momentopname, één die bovendien mensen eerder kansen ontneemt dan hen kansen schenkt.

Mensen moeten bovendien genoodzaakt worden die kansen te benutten. Grijp je de kans om bijvoorbeeld langer door te leren niet aan, dan moet je ook geen hoog loon verwachten.

Uiteindelijk is de echte oplossing mensen te stimuleren om initiatief te nemen en zo hogerop te komen. Daarvoor moet de overheid middelen als onderwijs beschikbaar stellen, maar ook de mensen zelf moeten min of meer gedwongen worden. Maar we moeten zeker geen mensen af gaan straffen met een burgerschapsexamen.

Zie ook: Burgerschapsexamen invoeren?

Space elevator: lift van 38.000 km hoog

Je staat vlakbij het grondstation van de tienduizenden kilometers hoge ruimtelift. De vochtige tropische lucht op het paradijselijke Hawaiiaanse eiland Oahu voert zware bloemengeuren met zich mee. Recht naar boven zie je de absurd dunne liftkabel recht naar boven gaan en verdwijnen in de nevelige avondlucht. Flonkeringen zetten de onzichtbare rechte lijn voort. De kabel is zo lang dat er altijd wel een stukje zonlicht richting jou weerkaatst.  Je haast je naar binnen. De veiligheidsmaatregelen zijn streng en je vertrek is over een uur of twee. Dan is het eindelijk zover. Voor het eerst in je leven verlaat je de aarde. Het grondstation verdwijnt in de schaduw van de nacht. Dan, op honderden kilometers hoogte, wordt de zon weer zichtbaar: een adembenemend gezicht. De aarde heeft een duidelijke bolvorm gekregen.

Wat is een ruimtelift?
Het principe van een ruimtelift is simpel. Bouw een kabel, zo hoog dat deze reikt tot een geostationaire omloopbaan: 36.000 kilometer boven het aardoppervlak. Nog langer is nog beter: zo trekt het extra stuk kabel de rest omhoog.

Met de lift naar de ruimte. Als het aan Japan ligt, komt het ooit zover.

Bij iedere hoogte hoort een bepaalde baansnelheid: de baansnelheid waarop de middelpuntvliegende kracht precies de zwaartekracht opheft.
De geostationaire omloopbaan is de hoogte waarop bijvoorbeeld satellieten in precies 24 uur rond de aarde draaien. Het gevolg hiervan is dat ze boven het aardoppervlak stil lijken te staan. De reden dat communicatiesatellieten doorgaans in een geostationaire omloopbaan worden geparkeerd. Voor een ruimtelift is een stilstaande kabel uiteraard een absolute noodzaak. De centrifugale pseudokracht trekt de kabel omhoog en houdt op die manier de kabel in evenwicht.
Het idee voor een ruimtelift is niet nieuw: de visionaire ruimtevaartpionier Konstantin Tsiolkovski stelde begin twintigste eeuw al voor een 36.000 kilometer hoge toren te bouwen.
Het grootste technische probleem is het vinden van een materiaal dat sterk genoeg is om tienduizenden kilometers van zijn eigen gewicht overeind te houden. Tot nu toe werd dit materiaal spottend ‘unobtainium’ genoemd, maar met de ontdekking van koolstof nanobuisjes is er nu een reële kandidaat.

Wat is het voordeel van een ruimtelift?
Een ruimtelift kan ruimtevaart honderden malen goedkoper maken. Het probleem met raketten is dat elke kilo brandstof omhoog moet worden gesleept. Het resultaat is dat maar een paar procent van een raket uit nuttige lading bestaat. Elke kilogram nuttige lading in een raket naar, zeg, de maan, kost zelfs bij de efficiëntste raketten tientallen kilo’s brandstof. Praktijkvoorbeeld: tijdens de Apollo-missies naar de maan moest een enorme Saturnus V raket 3 miljoen kg brandstof verstoken om 45.000 kg lading naar de maan te transporteren (1,5% nuttige lading dus). Bij een ruimtelift komt elke joule energie (in de vorm van elektriciteit, bijvoorbeeld) terecht in de voortstuwing.
Een ruimtelift is ook veiliger. Een raket kan je het beste vergelijken met een enorme chemische bom. Eén lek en er ontstaat een enorme explosie. Als een raket eenmaal is begonnen met branden is er niets meer dat de ontbranding kan stoppen tot de raket uitgebrand is.

Waarom is er dan nog geen ruimtelift?
Er is nu inderdaad een materiaal dat in staat is de vereiste trekkracht te leveren. De investeringskosten zijn hoog, maar naar ruimtevaartbegrippen redelijk: vijf tot tien miljard euro. De kosten van een enkele ruimtetelescoop. Geen onoverkomelijk bedrag om de ruimte definitief mee open te leggen, een schijntje vergeleken met wat het kost om een bank te ‘redden’ of een oorlog.

Hoog boven de aarde hangt dit station, de eindbestemming van de lift

Het voornaamste technische probleem is op dit moment het spinnen van een 38.000 km lange liftkabel. De allerlangste koolstofnanovezels ooit gefabriceerd halen 18 cm. In principe kunnen deze in elkaar gevlochten worden tot een liftkabel, maar door de korte lengte betekent dat een aanzienlijk verlies aan trekkracht. Eerst zal dus een procédé moeten worden ontwikkeld om nanovezels van honderden meters lang of meer te ontwikkelen.
Een tweede probleem is bescherming tegen de dodelijke straling in de Van Allen-gordels, de gebieden waar het aardse magneetveld botst met dat van de zon. In de Van Allen gordels worden geladen deeltjes sterk versneld. Onbeschermd loopt een persoon al in een paar dagen acute stralingsziekte op. Dit is in principe op te lossen met een elektromagnetisch schild.

Japanse plannen
In Japan vallen visionaire ideeën meer in de smaak dan in meer kortzichtige landen zoals die in Europa of de VS. Toen het door de Amerikanen dr. Brad  Edwards en Philip Ragan geschreven boek “Leaving the Planet by Space Elevator” in het Japans werd vertaald, kwam het dan ook direct in de Japanse bestsellerlijst terecht. Er is nu een vereniging actief die zich bezig houdt met het voorbereiden van de bouw van een ruimtelift. De Japanse overheid heeft al een intentieverklaring voor de bouw opgesteld.

Het Olduvai scenario

Kennis is tegenwoordig zo versnipperd dat als een wereldwijde ramp of ineenstorting van de energievoorziening een groot deel van de mensheid wegvaagt, we terugvallen tot het Stenen Tijdperk.

Wat houdt het Olduvai scenario in?
We schrijven 2030 (volgens de extreemste peakoil-pessimisten zelfs al over enkele jaren). Rond dat jaar zijn de makkelijk winbare delfstoffen uitgeput. De mineralogische barrière zorgt voor een lastige bottleneck. Aardolie, aardgas en een belangrijk deel van de steenkool zijn dan al schaars geworden. Auto’s komen stil te staan, minder efficiënte elektriciteitscentrales zijn buiten gebruik en roesten weg. Nog ernstiger: voedsel wordt schaars. Voor het produceren van stikstofmeststoffen moet namelijk stikstof uit de lucht worden omgezet in ammoniak. Dit kost veel energie.  Energie die er dan nauwelijks meer is. Tractoren komen stil te staan. Het kost dan al de grootste moeite de wereldbevolking, rond 2030 meer dan acht miljard,  van voldoende voedsel te voorzien en de schaarste aan kunstmest betekent de nekslag.

Volgens de Olduvai-theorie stort de energievoorziening rond 2030 in tot een fractie van nu.

Wereldwijde anarchie  breekt uit als de oogsten onvoldoende blijken om de bevolking in arme, dichtbevolkte landen te voeden. Enorme vluchtelingenstromen verlaten het Midden Oosten, Afrika, Centraal Amerika, India en China om te proberen in de vruchtbaarder buurlanden aan voedsel te komen.

Van internationale samenwerking is niet veel meer over. Grenzen worden afgesloten en bewaakt door met scherp schietende grenswachters. Er komt een nieuw IJzeren Gordijn om de rijke landen, deze keer om  immigranten buiten te houden. Voedsel gaat ook in de rijke landen op rantsoen. Vlees eten wordt asociaal gevonden. Oorlogen breken uit om de controle van fosfaatmijnen, vruchtbare landbouwgebieden, de laatste oliebronnen.

Dan is ook de laatste makkelijk winbare olie op. Er is geen aardgas meer om zelfs de extreem vervuilende teerzandolie in Canada te winnen. Zelfs de dreiging van de Amerikanen Canada onder de voet te lopen als de levering van teerolie niet wordt hervat, helpt dan niet meer. Slochteren slaakt zijn laatste ademtocht. Nederlanders doen alleen de was nog als er wind staat. Frankrijk verkoopt de rest van de EU de ooit door de Groenen verfoeide kernstroom tegen schandalige woekerprijzen.

In de islamitische wereld krijgt de Mahdi,  die zichzelf uit heeft geroepen als de opvolger van Mohammed, steeds meer macht. Hij verzamelt strijders voor de heilige oorlog om de ongelovigen onder de voet te lopen. De uitgehongerde bevolking van het Arabisch schiereiland en Noord-Afrika geeft massaal aan zijn oproep gehoor. Opmerkelijke uitzondering: Marokko, waar gouden tijden heersen door de torenhoge prijzen voor fosfaat. Eerst koelen ze hun woede op de kleine verwesterde elite.  Dan is Israël aan de beurt dat terugslaat met kernwapens. Tel Aviv, Caïro, Damascus en Teheran veranderen in smeulende radioactieve poelen. De wereld staat aan de rand van de afgrond.

Energie als levensbloed van onze beschaving
Volgens de Olduvai theorie (genoemd naar de Oldupai-vallei in Tanzania waar overblijfselen van vroege mensachtigen zijn gevonden) gaat een industriële maatschappij ongeveer een eeuw mee. In ons geval: ongeveer van 1930 tot 2030.

Het Olduvai scenario gaat uit van de energieconsumptie per hoofd van de bevolking. Dat is met een goede reden. Energie is namelijk het levensbloed van elke geavanceerde beschaving. Met voldoende vrije energie is vrijwel alles te fabriceren, denk  bijvoorbeeld aan goud uit zeewater.

Het nieuwe Stenen Tijdperk
Tot begin vorige eeuw kende het Duitse keizerrijk de bepaling dat iedereen die op de middelbare school zat, ook verplicht een ambacht moest leren. Zo schijnt keizer Wilhelm II een niet onverdienstelijk meubelmaker te zijn geweest (en houthakker, nadat hij af werd gezet en naar Nederland vluchtte). De filosofie er achter was interessant. De bedenkers van deze regel hadden niet bijster veel vertrouwen in de moderne industriële en  diensteneconomie. Als er om welke reden dan ook een ineenstorting komt, kunnen mensen in ieder geval een vak uitoefenen, meenden de conservatieve Pruisen.

Op dit moment is deze kennis er niet meer. Het grootste deel van de bevolking werkt in de dienstensector en zelfs vakmensen, denk aan operators in een olieraffinaderij, TIG-lassers  of VLSI-ingenieurs, zijn vaak zeer gespecialiseerd. Als het Olduvai scenario toeslaat, is er geen internet meer. Het internationale handelsnetwerk komt dan vrijwel stil te liggen. Maatschappelijke organisaties, de ingewikkelde samenwerkingsstructuren die grote bedrijven zijn, vallen uit elkaar. Specialistische vakkennis is waardeloos geworden. Generalisten: handige knutselaars die in staat zijn uit kapotte apparaten nieuwe te fabriceren, volkstuiniers, hobbyisten zijn dan zeer gewild. Alle landbouw wordt gedwongen biologisch, wat onvoldoende opbrengt om meer dan misschien twee miljard mensen te voeden. Als elektronica het steeds meer laat afweten worden dvd-roms en e-boeken waardeloos. De schaarse papieren boeken met kennis van exacte wetenschappen en techniek, vooral eenvoudige technieken, worden goud waard.

Hoe voorkomen we het Olduvai Scenario?
We kunnen wel iets, maar niet al teveel terug in het energiegebruik. Kunstmest zal nodig blijven om onze bevolking te voeden. Overschakelen naar elektrisch vervoer kan massaal, we moeten dan auto’s op perslucht ontwikkelen die misschien niet zo ver zullen rijden als benzine-auto’s, maar wel zonder schaarse metalen zijn te bouwen. Lithiumbatterijen vereisen meer kobalt dan makkelijk te winnen is; persluchttanks kunnen van koolstofvezels worden vervaardigd. Het opzetten van een landelijk of Europabreed netwerk van persluchtstations vereist vermoedelijk politiek ingrijpen.

Guy Nègre ontwikkelde een persluchtauto die zonder veel schaarse metalen gebouwd kan worden.

Een nadeel van democratie is dat politici vaak extreem korte termijn denken: tot de volgende verkiezingen. Alleen als de Nederlandse bevolking massaal doordrongen is van de ernst van de situatie (en de gewone Nederlandse man en vrouw is dat meer dan de politiek)  zal het politiek winstgevend zijn voorbereidingen te treffen. Ook moet voorkomen worden dat het maatschappelijk netwerk uit elkaar valt.  Nederland en de rest van de werelden moet blijven functioneren als er veel minder energie beschikbaar is dan nu. Dat lukt alleen als het sociale leven en onderlinge solidariteit veel sterker is dan nu.

Er zullen nieuwe kerncentrales moeten komen, bij voorkeur van het kweekreactortype (waardoor we tientallen keren zoveel energie uit het uranium kunnen halen)  of het Canadese CANDU model dat ook verarmde uraniumbrandstof kan verwerken.

We moeten een strategische fosfaatvoorraad aanleggen en fosfaten terugwinnen uit afvalwater. Met het aardgas in Slochteren moeten we uiterst zuinig omspringen. Vegetarisme moet aan worden gemoedigd; er moet meer onderzoek komen naar het kweken van veevoer in Nederland zelf op afvalwater (eendenkroos of algen).

Individueel niveau
Individuen kunnen maar enkele dingen doen. Zelf zoveel mogelijk technische kennis verzamelen (niet in digitale vorm maar als boek of als het niet anders kan, microfiche) en jezelf een ambacht aanleren.

Transition towns werken aan een energiezuinige, duurzame economie om peak oil te overleven.

Het christendom is op dit moment niet in de mode maar kerken en vergelijkbare religieuze organisaties, denk aan synagogen, de boeddhistische sangha en hindoeïstische tempelverenigingen vormden in het verleden een  effectief sociaal vangnet.
Van uitgebreide families is geen sprake meer. Een alternatief vormen wellicht verenigingen als de vrijmetselaars, Rotary, politieke partijen. Richt een transition town op of sluit je bij een bestaande aan.

Globaal niveau
We hebben onszelf door de sterke bevolkingsgroei in een hachelijke positie gemaneouvreerd. Hoe meer mensen, hoe minder grondstoffen en energie per mens. Aan deze bevolkingsgroei zal een einde moeten komen. Punt. Religieuze leiders die geboortebeperking tegenhouden, denk bijvoorbeeld aan de paus en islamitische geestelijken, zullen moeten worden aangepakt. Hoe meer werkende vrouwen en hoe beter ze opgeleid zijn, hoe minder kinderen. Ook hebben vrouwen meer dan mannen de neiging om milieubewust en energiezuinig te leven.

We moeten proberen een humanitaire catastrofe rond 2030 te voorkomen.  Landen als India en China hebben ruime ervaring met armoede en zijn goed georganiseerd. De situatie is vervelender in het Arabisch schiereiland, waar de bevolking explodeert en de oliebronnen tekenen van uitputting vertonen. Dit geldt in iets mindere mate voor de rest van het Midden Oosten. Deze landen moeten onder druk worden gezet om corruptie te bestrijden en vrouwen meer rechten te geven, zodat ze tijdig over kunnen schakelen op een efficiënte lage-energie economie en nul bevolkingsgroei.

In principe zijn er in de rest van het zonnestelsel vrijwel oneindige voorraden grondstoffen en energie, maar deze op grote schaal winbaar maken zal meer decennia kosten dan we nog hebben.

Leven na de dood in zwarte gat

Volgens een nieuwe theorie leef je voort als je in een zwart gat valt. Als geest, elders in het heelal.

Toegegeven: je moet er wel voor in de snaartheorie geloven en het experimentele bewijs daarvoor (niets, zelfs het Higgsdeeltje is nog niet gevonden) vinden we niet echt overtuigend. Daartegenover staat dat bijna alle theoretisch natuurkundigen fervente aanhangers van de snaartheorie zijn. En laten we eerlijk zijn, het idee dat we hierna bespreken is erg interessant voor visionair denkenden.

Zwarte gaten slokken alles op, zelfs licht. Niets kan ontsnappen volgens Einstein en Hawking. Informatie misschien wel, volgens twee fysici.

De gevreesde singulariteiten
Het verhaal begint bij zwarte gaten: objecten, meestal uitgeputte zware sterren, zo zwaar dat ruimtetijd eromheen zich opkrult en de ster afsluit van de rest van het heelal. Naar binnen gaan kan wel, naar buiten nooit meer. Na vele miljarden jaren (de precieze tijd hangt af van de massa, hoe groter hoe langzamer) verdampen de zwarte gaten door middel van Hawkingstraling, een soort warmtestraling.
Volgens Einsteins relativiteitstheorie gaat de ineenstorting door tot alle materie is samengeperst in een wiskundig punt, de singulariteit, waar onze natuurwetten niet meer opgaan. Singulariteiten zijn daarom gevreesde ondingen.

Singulariteiten zijn punten waar natuurwetten onzinnige waarden opleveren. Ze worden intens gehaat door natuurkundigen.

Geen wonder dat theoretisch natuurkundigen er alles aan doen om van singulariteiten af te komen. Een reden dat de snaartheorie zo populair is, is dat singulariteiten niet voorkomen in de snaartheorie: ruimtetijd bestaat volgens die theorie uit elementaire snaren.

Informatie die verdwijnt in het niets?
Een tweede vervelend probleem met zwarte gaten is de informatieparadox. Stel, je kiepert al je reclamedrukwerk (of aanmaningen van de deurwaarder, dat foeilelijke beeldje van je schoonmoeder of slechte rapportcijfers) in een zwart gat. Dan verdwijnen die voorgoed. Er is geen enkele manier waarop deze informatie terug te halen is.

Dat is in strijd met de kwantummechanica. Deze zegt dat in een waarschijnlijkheidsgolffunctie informatie altijd behouden blijft (in wiskundige termen voor de liefhebber: de Schrödingervergelijking is een unitaire operator die altijd ondubbelzinnige uitkomsten geeft). En met kwantummechanica wil je als natuurkundige geen ruzie hebben, tenzij je Albert Einstein heet: QED, kwantumelektrodynamica, is namelijk verreweg de nauwkeurigste natuurkundige theorie die er bestaat. We kunnen soms tot op veertien decimalen, dat is één op honderd biljoen, nauwkeurig voorspellen hoe een door QED beschreven verschijnsel (het grootste deel van de natuurkunde, de complete scheikunde en daarvan afgeleide wetenschappen bijvoorbeeld) zich gedraagt. Ter vergelijking: G, de zwaartekrachtsconstante die zegt hoe sterk twee kilo’s op een meter afstand elkaar aantrekken, kennen we slechts met een miezerige vier decimalen precies.

Geest ontsnapt uit zwart gat
Weliswaar kan de materie waaruit we bestaan niet ontkomen aan het zwarte gat – Einsteins algemene relativiteitstheorie en ook de snaartheorie zijn daar onverbiddelijk over – er blijkt toch een escape te zijn.

Leven na de dood? Als de theorie van Frolov en Mukohyama klopt, kan informatie door een braantunnel ontsnappen uit een zwart gat.

Volgens de snaartheorie zijn er namelijk meer dimensies dan vier (lengte, breedte, hoogte, tijd) en sloopt een zwart gat ruimtetijd zo grondig dat de anders verborgen zeven dimensies (hemelen voor de mystici onder u) zichtbaar worden. De theoretisch fysici Valeri Frolov van de universiteit van Alberta in Canada en Shinji Mukohyama van de universiteit van Tokyo denken dat ons heelal in een meerdimensionaal multiversum zweeft en dat het goed mogelijk is dat de meetkunde in het multiversum heel anders is dan die van ons. Met andere woorden: punten die in onze wereld niet met elkaar verbonden zijn, zijn dat in het multiversum misschien wel. De informatie, de geest, van de ongelukkige die in een zwart gat valt, duikt zo misschien op in een heel ander deel van het heelal. Als die informatie bij elkaar blijft, tenminste.

Frolov en Mukohyama noemen dit een braangat (braan is een snaartheorieterm voor een n-dimensionaal vlak, een plat vlak is bijvoorbeeld een 2-braan en een lijn een 1-braan).
Braangaten hebben het nadeel (of voordeel) van alle wormgaten. Je kan er namelijk in principe sneller dan het licht of zelfs door de tijd mee reizen. Je zou dus jezelf in het verleden de winnende combinatie van de lotto kunnen toefluisteren. Of kunnen waarschuwen dat je vooral niet in het zwarte gat moet springen…

Burgerschapsexamen invoeren in plaats van leeftijdsgrens

Op dit moment krijgt iedereen met het bereiken van het achttiende levensjaar automatisch bijna alle burgerschapsrechten die horen bij een volwassene. Zonder burgerschapsexamen.
Sommige dingen waar je alleen jezelf mee schaadt, denk aan het kopen van medicijnen op recept, mogen alleen artsen. Terecht?

Achttien jaar: arbitraire grens

Wilsbekwaamheid, het recht voor jezelf te beslissen, krijgen mensen in Nederland automatisch op hun achttiende. In de praktijk varieert de leeftijd dat mensen zelfstandig kunnen leven en beslissen uiteraard enorm.

Laura Dekker is volgens Jeugdzorg nog niet in staat een reis rond de wereld te maken. Lost een burgerschapsexamen dit dilemma op? Bron: Wikimedia Commons

Sommigen zijn op hun twaalfde of jonger al geestelijk volwassen en worden jarenlang beknot in hun mogelijkheden.

Denk aan het ‘zeilmeisje’ Laura Dekker, volgens veel vrienden en familie rijp genoeg om de solotocht rond de wereld te volbrengen, dat nu eindelijk, na jarenlang trammelant met Bureau Jeugdzorg, op reis kan.

Anderen worden nooit volwassen.

Vaak nemen ze dan rampzalige beslissingen waar ze vaak de rest van hun leven (of dat van anderen) mee verwoesten, denk aan de problemen door zwangerschappen, comadrinken of pooierboys.

Voordelen van een burgerschapsexamen

Met een burgerschapsexamen kan je dat voorkomen. We vragen een rijbewijs voor iemand die de weg op gaat, maar iedereen van achttien jaar of ouder kan bijvoorbeeld een veel te dure lening afsluiten, zonder te begrijpen dat hij of zij jarenlang tegen een faillisement aan gaat hangen.

Zelfs de meest gestoorde man of vrouw kan kinderen krijgen of een wurgcontract ondertekenen. Het is dan logisch een soort burgerschapsexamen in te voeren, waardoor dit soort ingrijpende beslissingen vereisen dat iemand weet waar het om gaat.

Je kan dan ook de burgerrechten flink uitbreiden.  Zo kunnen er meer referenda komen.

Nu moet je voor de meeste medicijnen naar de huisarts. Laat mensen de keus de medicijnen ook online te bestellen m.u.v. zwaar giftige medicijnen en test hun kennis van de werking en bijwerkingen grondig.  Ze kunnen zo hooguit zichzelf kwaad doen.

Hetzelfde geldt voor drugs. Als iemand bijvoorbeeld cocaïne wil gebruiken doet hij alleen zichzelf daar kwaad mee. Wel moet je dan zeker weten dat iemand de werking en consequenties van de drug kent.

Het voordeel: een grote bron van illegale en criminele inkomsten verdwijnt.

Hoe zou een burgerschapsexamen er uit moeten zien?
Kunnen lezen en schrijven is essentieel.

Om verstandige beslissingen te kunnen nemen moeten mensen over een bepaalde minimumhoeveelheid kennis beschikken, niet te emotioneel reageren en  in staat zijn de gevolgen van een bepaalde handeling te overzien.

Kennis kan je toetsen met kennisvragen. Emotionele rijpheid is lastiger te toetsen, mogelijk door een opstel te laten schrijven over wat er in een bepaald persoon in een situatie omgaat.

Deze techniek kan je ook toepassen om te kijken hoe goed iemand kan overzien wat de gevolgen kunnen zijn van, zeg, je een avond bedrinken en met een aantrekkelijk persoon van het andere geslacht naar huis gaan.

Deelexamens of meer examens?

De burgerrechten die op ons achttiende in één keer worden toegekend, vereisen verschillende kennis en vaardigheden (of zoals dat tegenwoordig zo mooi heet: competenties). Een gekozen politicus moet bijvoorbeeld weten hoe de overheid waar hij mede de scepter over gaat zwaaien functioneert en, belangrijker, iets van het onderwerp waar hij over gaat beslissen afweten.
Ook moet er een  systeem bedacht worden om psychopaten, corrupte schurken en meedogenloze carrièreratten te weren uit de politiek.

Ouders in spe moeten weten wat kinderen nodig hebben om gezond en gelukkig op te groeien en hier ook de rijpheid en empathie voor hebben: heel andere  eisen dan aan een politicus. Je zou burgerrechten dus stukje bij beetje toe kunnen kennen. Een van de voorstanders van een burgerschapsexamen is de Vlaamse politicus Bart de Wever.

Zie o0k: Burgerschapsexamen: een afstraffing, geen oplossing

Achtergrondinformatie:

Geschiedenis van rangen  en standen
In de middeleeuwen bestond er in West-Europa een complexe rangen- en standenmaatschappij. Er waren meerdere ‘standen’, een soort erfelijke kasten: de adel, geestelijken (de hoge geestelijke functies waren gereserveerd voor de adel) en de derde stand, het gewone volk dat weinig te vertellen had. In de vroege middeleeuwen, afgeschaft onder druk van de rooms-katholieke kerk, bestond er nog lijfeigenschap, een vorm van slavernij. Horigheid was een beperkte vorm van slavernij waarbij het boeren verboden was hun land te verlaten en hield het veel langer vol.
Mannen hadden veel meer wettelijke rechten dan vrouwen. Niet-christenen werden ook gediscrimineerd. Vogelvrijen mochten door iedereen straffeloos dood worden geslagen en vormden dan ook vaak rondzwervende gewelddadige bendes om zichzelf in leven te houden.

Later kwamen de steden op. De ingezetenen van steden, ‘burgers’, kregen gegarandeerde rechten. Begin twintigste eeuw, met de invoering van het algemeen kiesrecht kwam er pas een einde aan de discriminatie van vrouwen, alhoewel de allerlaatste discriminerende regels nog maar kort geleden afgeschaft zijn.

Nu, begin van het derde millennium is er, althans wettelijk gezien, niet veel meer over van deze standenmaatschappij. In de praktijk speelt vriendjespolitiek in Nederland een nog bijna even grote rol speelt als in de pruikentijd.  Denk bijvoorbeeld aan de manier waarop gewilde, lucratieve baantjes als burgemeester, topmanager of commissaris der koningin worden toebedeeld en de privileges die kinderen met rijke ouders genieten.

Burgerrechten nu, in Nederland
In Nederland lopen vijf soorten mensen rond: Nederlandse staatsburgers, mensen met een verblijfsvergunning, EU-onderdanen, toeristen met een visum en illegalen. De eerste drie groepen mogen stemmen en gekozen worden als ze ingeschreven staan (en hebben recht op een uitkering), toeristen en illegalen niet.

De Nederlandse adel bestaat nog, maar heeft in theorie geen bijzondere rechten meer (al zijn ze sterk oververtegenwoordigd op hoge posten).  De toestand van illegalen lijkt in veel opzichten op die van vogelvrijen, al mogen ze dan niet worden vermoord of gemolesteerd. De status van mensen die een verblijfsvergunning hebben aangevraagd (zoals asielzoekers) is in grote lijnen vergelijkbaar met die van toeristen, al worden ze vaak opgesloten in verkapte gevangenissen.

De tweede belangrijke onderverdeling is op leeftijd. De meeste burgerrechten, zoals stemrecht en het recht om als zelfstandig persoon te handelen, met een mooi woord wilsbekwaamheid, worden rond het achttiende jaar toegekend. Jongeren mogen tot hun 23e minder verdienen dan een oudere. Soms worden mensen (gedeeltelijk) wilsonbekwaam verklaard, bij een faillisement of als ze op worden genomen in een psychiatrische inrichting.

Discriminatie lelijke mensen: alledaags racisme

We doen het allemaal onbewust: we trekken mooie mensen voor op lelijkerds. Je reinste racisme. Toch is er nauwelijks iemand die er tegen protesteert.

Elke dag vindt een stille vorm van discriminatie plaats waar geen enkele groep tegen protesteert. Lelijke mensen verdienen, blijkt uit onderzoek, zo’n 20% minder dan mooie mensen, ze komen moeilijk aan een partner en worden door hun medemensen vaak minachtend of met afkeer behandeld.  

Knappe mensen verdienen meer, worden vriendelijker behandeld en krijgen meer aandacht van het andere geslacht.

Opstellen met een fotootje van een knap kind krijgen een hoger cijfer dan exact hetzelfde opstel met de foto van een lelijk kind.  Als acteur of fotomodel, maar ook als politicus, verkoper of manager wordt een carrière veel moeilijker (alhoewel niet onmogelijk).

Kortom: discriminatiecijfers die als ze van toepassing waren op een erkende minderheid in Nederland, hadden geleid tot een spoeddebat of erger.

Niemand zal van zichzelf makkelijk toegeven dat hij of zij lelijk is. Toch zijn wij mensen het, blijkt uit antropologische onderzoeken, over het algemeen redelijk eens over wat mooie of lelijke mensen zijn. Toen vrouwen van een indianenvolk uit de Amazone foto’s van Griekse mannen te zien kregen en werd gevraagd wat de knapste mannen waren, wezen ze dezelfde foto’s aan als westerse vrouwen.

Wat maakt iemand knap of lelijk?
Over het algemeen is het de combinatie van lichaams- en gezichtsdelen wat iemand mooi of lelijk maakt. Mooie mensen hebben een symmetrisch gezicht, een gladde, jonge huid en een atletisch lichaam. Bij vrouwen moet de taille-heup verhouding laag genoeg zijn.

Mooie vrouwen hebben meestal een eivormig gezicht en vochtige lippen, voor vrouwen seksueel aantrekkelijke mannen een hoekig gezicht. Al deze kenmerken komen vooral voor bij gezonde mensen. Volgens evolutiebiologen is de reden dat we zo de partner met het geschiktste genenpakket kunnen selecteren.

Lelijkheid: een erfelijke eigenschap
Hoe we er uitzien is zeer sterk afhankelijk van ons genetisch materiaal. Dingen als haarkleur, huidskleur, bouw van het lichaam, het gezicht en de vorm van de neus, bijvoorbeeld, zijn alle overerfbaar. Iemand kan lelijk zijn door erfelijkheid, door ziekte of door een ongeluk. In feite is discrimineren van lelijke mensen dus racisme.

De carrière van TV-presentatrice Katie Piper is afgelopen na een kwaadaardige aanval met zuur door haar ex-vriendje.

De oplossing?
Het beste zou natuurlijk zijn dat wij mensen niet op iemands uiterlijk letten. Helaas zijn wij genetisch zo geprogrammeerd dat wij dat wel doen. De hersens van mannen reageren bijvoorbeeld onbewust opgetogen op mooie vrouwen, de reden dat er mooie pitspoezen worden ingehuurd om dure auto’s en dergelijke te promoten.

Misschien dat in de toekomst plastische operaties voor iedereen die onder een kritieke schoonheidsindex scoort, in het basispakket kunnen komen. Nog een stap verder, en ethisch zeer twijfelachtig, is genetische manipulatie om het uiterlijk van een kind knapper te maken.

Misschien lost het probleem zich wel vanzelf op. De virtuele wereld wordt namelijk steeds belangrijker. Lelijke mensen kunnen een oogverblindend mooie avatar gebruiken of misschien worden er kunstprotheses ontwikkeld, geavanceerdere versies van toupetjes.

Magelhaese Wolken veel jonger dan melkwegstelsel

Nog vreemder is dat beide satellietstelsels meer licht uitstralen dan vrijwel alle andere satellietstelsels. Het lijkt er steeds meer op dat ons melkwegstelsel een buitenbeentje is.

Resten van sterren in de Grote Magalhaese Wolk. Bron/(c): NASA

Ons melkwegstelsel is niet alleen. Het maakt met de Andromedanevel onderdeel uit van de Lokale Groep, onze familie van melkwegstelsels.

Ons melkwegstelsel heeft voor zover we weten twee satellietstelsels: de Grote en de Kleine Magelhaese Wolk. Dit zijn kleine, onregelmatige melkwegstelsels die (denken de meeste astronomen) langzaam op worden geslokt door ons eigen melkwegstelsel.

Met de Grote Magelhaese Wolk is wat opmerkelijks aan de hand, stelt de Canadese topastronoom Sidney van den Bergh. Deze is namelijk extreem helder. Er zijn nauwelijks satellietstelsels te vinden die helderder zijn dan dit dwergmelkwegstelsel.

Beide dwergmelkwegstelsels zijn ook erg gasrijk en metaalarm (astronomen noemen alles wat zwaarder is dan waterstof of helium een metaal) wat duidt op een veel jongere leeftijd dan die van onze eigen melkweg. 

Ook opmerkelijk is dat van meer dan 22 000 melkwegstelsels die lijken op het onze, slechts 3,5 procent twee of meer satellietstelsels heeft die zo helder zijn als de Magelhaese Wolken.

Kortom: niet alleen onze thuisplaneet, maar ook onze melkweg zelf blijkt uniek. Uiteraard heeft deze ontdekking al heel wat discussie uitgelokt over mogelijke implicaties voor het ontstaan van intelligent leven.

Radio verandert in zaklamp

Programmeerbare elektronica zou ideaal zijn. Met één druk op de knop verandert bijvoorbeeld een keukenmixer in een boormachine. Je hoeft maar één apparaat te hebben dat je voor alles kan gebruiken. Is het mogelijk? Het antwoord: ja, al moeten er nog een paar technische barrières worden genomen.

De Wet van de Toenemende Kapotte Elektronica

Elektronisch afval wordt massaal in Afrikaanse landen gedumpt. Een weinig elegante en uiterst milieuvervuilende `oplossing'.
Deel uit maken van de welvaartsmaatschappij betekent in de praktijk dat je tegen wil en dank opgescheept raakt met steeds meer elektronische wrakken in variërende staat van ontbinding. Weliswaar worden steeds meer apparaten programmeerbaar – al is dat meer een vloek dan een zegen bij bijvoorbeeld video- en dvd recorders – maar het ene apparaat in het andere omzetten lukt alleen met heel veel creativiteit (een gloeilamp als strijkbout bijvoorbeeld).

Programmeerbare schakelingen
Dit terwijl de elektrische schakelingen van apparaten uit maar enkele soorten onderdelen bestaan: weerstanden, diodes, transistoren, spoelen en wellicht een ingewikkelder chip zoals een geïntegreerd circuit. Kortom: verander de onderlinge verbindingen tussen die onderdelen en je hebt een compleet nieuwe schakeling, dus apparaat. Vervang de weerstanden door memristors (programmeerbare weerstanden) en de mogelijkheden worden nog veel groter.

In principe kan dat. Wat je nodig hebt is het elektronische equivalent van een spoorwegwissel: een relais. Zet een relais in een bepaalde stand en het ‘onthoudt’ de stand. Op die manier kan je de eigenschappen van, zeg, een dvd-speler veranderen in die van een versterker. Wellicht is het hier slimmer de hele schakeling op een aparte printplaat te bakken en dan tussen printplaten te schakelen. Elektronische apparaten bestaan voornamelijk uit lucht. Ruimte genoeg dus, als aan warmteafvoer gedacht wordt.

Met deze handige uitvinding kan je een gehaktmolen aandrijven met een handboor. Voor als je na het klussen honger hebt, zeg maar.

Broodrooster wordt haarföhn
De meeste huishoudelijke apparaten zitten niet erg ingewikkeld in elkaar. Het principe van een gloeilamp, strijkbout, broodrooster, contactgrill, elektrische kookplaat en een haardroger is gelijk: een hete gloeispiraal met temperatuurregeling. Bij een föhn zit er nog een motor met ventilatortje bij. Met andere woorden: als je een strijkbout dubbel zou kunnen klappen heb je een contactgrill of een broodrooster. Als je hete lucht langs het oppervlak laat stromen met een elektromotortje heb je een haarföhn. Verzin iets waarmee je het contactoppervlak van vorm kan laten veranderen en je hebt een vier-in-een huishoudelijk apparaat.

Deze truc kan je ook gebruiken voor andere apparaten. Een keukenmachine aandrijven met een handboor is minder gek dan het klinkt: beide maken gebruik van een sterke ronddraaiende elektromotor. Je zou op die manier zelfs kleine wasjes kunnen doen: ouderwetse wasmachines (tafelmodel) werkten zo.

Geheugenmetaal en kunstmatige pezen

Zes afstandsbedieningen voor één enkel multimediasysteem. Dat moet toch slimmer kunnen...
Wel moeten eventueel mechanische onderdelen mee veranderen in een nieuwe vorm. Voor een deel kan je dat oplossen met hulpstukken. Helaas raken die doorgaans zoek, dus een creatieve uitvinder zal wat beters proberen te verzinnen. Denk aan geheugenmetaal (metaal dat terug kan springen in zijn oude vorm), Transformer-achtige vormverandering, wellicht het door middel van extreem sterke koolstofvezels straktrekken van met vloeistof gevulde stijfwandige onderdelen zodat ze met deze kunstmatige pezen van de ene vorm in de andere springen.

Nooit meer een afstandsbediening zoeken
De meest voor de hand liggende toepassing is wel de echt universele afstandsbediening. Sla in het apparaat alle eigenschappen (display, infrarood- en radiofrequenties) van alle ooit gefabriceerde afstandsbedieningen op (of beter: zet ze op een website waar gebruikers ze op een USB stick kunnen downloaden), monteer er een drukgevoelig schermpje op (zoals dat op Iphone’s zit) waar de knoppen van de afstandsbediening in kwestie op worden getoond en het gefriemel met zes of zeven afstandsbedieningen is eindelijk verleden tijd.

Onbemande auto’s: de oplossing voor verkeersveiligheid

Het grootste aantal verkeersongelukken wordt veroorzaakt door menselijke fouten. Wordt het niet tijd de automatische piloot het over te laten nemen?

Dit verkeersongeluk in Kopenhagen is waarschijnlijk veroorzaakt door een menselijke fout. Bron: Wikipedia

De mens, de zwakste schakel in het verkeer
Keer op keer blijkt het uit studies: menselijke fouten, denk aan dronkenschap, inschattingsfouten en  gevaarlijk rijgedrag – zijn de voornaamste oorzaak van verkeersongevallen. Ook zorgen menselijke fouten vaak voor haperingen of zelfs files in de verkeersstroom.

Werken onder het rijden en geen boetes meer
Je laten rijden door een onbemande auto lijkt op het eerste gezicht een griezelige ervaring en vragen om ellende. De voordelen zijn echter groot. Bestuurders kunnen voortaan werken tijdens het rijden. Ook zijn boetes voor te snel rijden, of welke verkeersboete dan ook, voortaan verleden tijd als de automatische besturing wordt gekoppeld aan het Galileo-systeem (Europese GPS). Ben je stomdronken? Je auto brengt je veilig thuis.

Boost voor de autoindustrie
Een andere groep die hier sterk mee gaat winnen zijn autofabrikanten. Automobilisten moeten voortaan indruk op elkaar maken met hun mooie auto in plaats van, zoals nu vaak gebeurt, ook met agressief rijgedrag. Dat leidt er waarschijnlijk toe dat automobilisten steeds meer uit gaan geven aan een dure, luxe auto. Nieuwe auto’s zullen dan ook steeds meer gaan lijken op rijdende kantoortjes. Daar komt ook steeds meer ruimte voor als de veel ruimte innemende benzinemotoren worden vervangen door elektromotoren.

Is deze luxe kantoor-SUV de toekomst op de weg? Bron/copyright: limousinesworld.com

Nadelen van het plan
Nadelen zijn er uiteraard ook. Zo hangt het systeem af van het storingsvrij werken van elektronica. Hoe ingewikkelder de elektronica, hoe meer kans op storingen. Als de auto geen zelfstandige kunstmatige intelligentie heeft, wat een belangrijke bron van storingen zou elimineren, zal een koppeling moeten worden gemaakt via een centraal voertuiggeleidingssysteem dat over heel Europa is ingevoerd. Ligt internet of een soortgelijk netwerk er door een storing uit, dan betekent dat dat het verkeer in heel Europa platligt.

Big Brother
De implicaties van een centraal systeem zijn griezelig: de overheid kan als er bijvoorbeeld een verkeersboete openstaat of als je een omstreden uiting op internet hebt gedaan over een bepaald geloof of bepaalde politicus, je auto stilzetten. De overheid kan ook al je gangen nagaan. Privacy bestaat dan niet meer.

Dit plan moet dan ook alleen worden uitgevoerd als de overheid veel transparanter wordt, de controle van burgers op de overheid veel groter is dan nu en veel harder dan nu  wordt opgetreden tegen corruptie en machtsmisbruik.

Dutch