Science

Levende ruimteschepen, mogelijk en praktisch?

Levende ruimteschepen lijken op het eerste gezicht onmogelijk. Immers, leven is lastig in het luchtledig, drie graden boven het absolute nulpunt. Toch is het idee minder gek dan het lijkt, stelt de fysicus-futuroloog en YouTube-ster Isaac Arthur.

Een auto of fiets repareert zichzelf niet. Een biologisch wezen, zoals een paard, wel. Natuurlijk tot op zekere hoogte. Anders waren er immers geen veeartsen nodig. Een erg handige feature natuurlijk, als je ver uit de buurt bent van een fietsenmaker. Zoals in de interstellaire ruimte.

Levende ruimteschepen hebben bepaalde voordelen die ze aantrekkelijk in de ruimte kunnen maken.

Levende ruimteschepen bouwen zichzelf om

Op het eerste gezicht lijken biologische organismen erg slecht bestand tegen de omstandigheden in de ruimte. Maar toch zijn de voordelen van bepaalde biologische eigenschappen dermate groot, dat ruimtevaartdeskundigen serieus nadenken over ruimteschepen die hetzij levend zijn, hetzij bepaalde nuttige eigenschappen van biologische organismen bezitten. Zoals naast het vermogen zichzelf te repareren, ook om zichzelf in evenwicht te houden. Of zichzelf, al naar gelang de behoefte, om te bouwen tot een andere vorm of functie. Zich te voeden uit lokale hulpbronnen. En een ruimteschip dat zich voedt met donkere materie, interstellaire waterstof of een andere energiebron in de omgeving, scheelt natuurlijk best wel veel op je brandstofrekening.

Levende ruimtekolonie

Levende ruimteschepen kunnen ook, net als een Portugees oorlogsschip, uit een “kolonie” van kleinere organismen bestaan. Denk aan asteroïdenmijners, brandstofverzamelaars en reparatiebeesten. Of, een verzameling nanobots zijn, Waarschijnlijk zal de technologie in de buurt van de Singularity bestaan uit een wolk van nanobots. In feite zijn levende organismen geavanceerde robots, en zijn echt geavanceerde robots steeds minder te onderscheiden van organismen.

Vooral bij generatieschepen, die honderden jaren onderweg zijn, wordt het steeds belangrijker om een robuust ecosysteem in het schip te hebben dat de levende inhoud intact houdt. Tenzij we de passagiers uploaden als computerprogramma natuurlijk. Kortom, bioships zijn waarschijnlijk minder science fiction dan het lijkt.

Waarom bestaat er leven? Schepper of toch een natuurwet?

We weten dat de eerste levensvorm waar wij allemaal van afstammen, eencellig was. Maar waarom bestaat er leven? Wat zette de evolutie in gang?

Als student vroeg ik me al af hoe leven uit het niets heeft kunnen ontstaan. Dit is immers in strijd met de Tweede Hoofdwet van de thermodynamica. Deze natuurwet zegt, dat in een gesloten systeem de entropie, chaos, altijd toeneemt. Als je bijvoorbeeld een feestballon doorprikt, ontsnapt alle helium. Maar het gebeurt nooit, dat helium zich verzamelt in een kapotte ballon, die zichzelf vervolgens repareert. Dit verschijnsel, dat als we niets doen de chaos steeds meer toeneemt, noemen we de Tweede Hoofdwet. toch, min of meer uit het niets, ontstond er een behoorlijk geordend iets. Het allereerste levende organisme dat zichzelf kon voortplanten.

Waarom bestaat er leven? Een gasreus is veel waarschijnlijker dan de aarde

Weliswaar is per saldo het systeem van de aarde en zon op weg naar meer wanorde, maar het is niet de maximale hoeveelheid wanorde denkbaar. Een planeet die alleen uit dood materiaal bestaat, is uiteraard erg saai, maar heeft wel een grotere hoeveelheid entropie, wanorde, dan bijvoorbeeld de aarde. Want bijvoorbeeld een boom, of zelfs een bacterie, zit heel wat geordender in elkaar dan bijvoorbeeld een gaswolk. Het is veel waarschijnlijker dat zich daarom een gaswolk vormt, dan een boom of een bacterie.

Waarom bestaat het leven op aarde? De chaotische gasreus Jupiter gehoorzaamt veel beter aan de Tweede Hoofdwet. Bron: Wikimedia Commons/NASA

Waardoor begon de evolutie?

We weten dat zodra het leven ontstaan is, evolutie een rol gaat spelen en dat dan deze vragen niet meer belangrijk zijn. Maar toch. Is er een logische reden te bedenken waarom, ooit, de natuur voor een minder rommelig alternatief koos waardoor het leven kon ontstaan? Is er behalve de Tweede Hoofdwet misschien nog een ander principe, dat zorgt voor meer orde? Misschien wel.

Gokbudget is beter dan casinovergunning

Het probleem met gokken is dat gokverslaafden een te groot percentage van hun inkomen vergokken. Lost een gokbudget dat op?

Gokverslaving, een verwoestende epidemie

Gokverslaving is misschien wel de ernstigste verslaving in Nederland. Van de 800.000 Nederlanders die gokken, hebben er 40.000 een gokverslaving[1]. Gokverslaving leidt er toe dat iemands leven wordt verwoest, en vaak het leven van zijn naasten. Ernstige gokverslaafden plegen vaak ook fraude of diefstal om aan het geld voor een gokverslaving te komen. Veel mensen raken totaal aan de grond door hun gokgedrag. En slepen hun familie mee. Gokverslaving is een groot probleem in bijvoorbeeld de Chinese gemeenschap, waar andere verslavingen maar weinig voorkomen.

Vooral de fruitautomaat is bericht wegens het verslavingspotentieel. Kan een gokbudget de gokproblemen oplossen? Bron: AGOG

Hier een link naar een NPO-documentaire over gokverslaving.

Holland Casino

De Nederlandse overheid heeft het bedrijf Holland Casino opgericht, met als doel om het gokken aan banden te leggen. De filosofie hierachter is dat dit staatscasino beter dan een privé casino in de gaten kan houden, of klanten tekenen van gokverslaving vertonen. Uit ervaringen van gokverslaafden blijkt echter, dat Holland Casino het op dat punt niet beter doet dan commerciële gokhuizen. Bovendien is Nederland maar klein. Iets over de grens staan tal van andere casino’s. En dan is er natuurlijk nog internet. Het is een fluitje van een cent, om over de hele wereld een gokje te wagen.

Een gokbudget voorkomt veel schade

Het is daarom beter om te zorgen dat de gevolgen van het gokken beperkt blijven. Het voornaamste gevolg van gokken is het verliezen van veel geld. Ook kan een groot deel van de dag beheerst worden door gokken. Uiteraard moet gokken aangepakt worden als verslavingsprobleem, maar misschien kunnen we voorkomen dat beginnende gokkers afglijden tot mensen die hun leven ruïneren door al hun geld te vergokken.

Dit kunnen er voorkomen, door een maximaal percentage van iemands inkomen voor gokken te laten gebruiken. Zeg maar, een gokbudget. Casino’s moeten alleen een vergunning krijgen als ze gebruik maken van dit gokbudget. Als 90% van het gokbudget op is, kunnen klanten alleen nog maar deelnemen aan spellen met een zeer lage inzet, bijvoorbeeld een cent per ronde.

Source

  1. Aantal gokverslaafden, AGOG

Kapitalisme, maar dan beter

Kan het kapitalisme verbeterd worden, zodat het wel rekening houdt met mens, natuur en de aarde?

Volgens managers, financiële deskundigen en andere algemeen gerespecteerde steunpilaren van de maatschappij maakt het niet uit hoe je je euro’s verdient. Een bedrijf dat winst maakt door landmijnen te verkopen, is even nobel als een bedrijf dat dezelfde winst maakt met het opkalefateren van door erosie verwoeste landbouwgrond. Vooral VVD politici hebben hier een handje van, maar ook economen, zoals de voormalige minister-president Balkenende, zijn aanhanger van deze enge ideeën.

Toch zijn er nu steeds meer mensen die vraagtekens stellen bij dit soort kapitalistisch fundamentalisme. Kapitaal, en geld, is geen doel op zich. Het is een middel om het leven van mensen te verbeteren. Mogelijk, of liever gezegd: zeer waarschijnlijk, zijn er betere middelen dan het produceren van veel geld om onze levenskwaliteit en de aarde te verbeteren. Niet geld, maar de mens moet centraal staan, staat niet voor niets in het beginselprogramma van de SP.

Dit Egyptische bos, waar ooit woestijn was, is minder winstgevend dan een hedge fund, maar produceert veel waarde. Bron: DW

In deze documentaire van de Duitse publieke omroep DW komen enkele kritische stemmen aan het woord. Een goed product maken, waar de wereld wat aan heeft, is veel belangrijker dan een torenhoge winst. Winst is weliswaar nodig, maar dan om te overleven. Winst is niet het ultieme bestaansrecht van een bedrijf, volgens deze denkers. Niet zozeer winst, maar het produceren van waarde, helpt de aarde en de mensheid vooruit.

Rituele vechtpartij voor voetbalsupporters de oplossing?

Voetbal is oorlog, zei voormalig coach van het Nederlands elftal Rinus Michels al. Tussen groepen supporters klopt dat zeker. Kan een rituele vechtpartij de agressie in goede banen leiden?

De mens, een doelgericht agressieve diersoort

Vergeleken met andere apensoorten zijn we behoorlijk agressief wat betreft proactieve (doelgerichte) agressie. Agressiever dan bonobo’s en orang-oetans, zelfs agressiever dan gorilla’s. Alleen chimpansees zijn ongeveer even proactief agressief als de wijze, wijze mens zoals we onszelf bescheiden in het Latijn noemen. Daarentegen zijn we wat betreft reactieve agressie (agressie als gevolg van een provocatie) juist minder agressief dan chimpansees en ongeveer even agressief als de bonobo [1]. Dat wil zeggen, dat we in het dagelijks leven redelijk vreedzaam met elkaar omgaan, maar in het geval van conflicten met andere groepen erg gewelddadig kunnen zijn. Dit komt inderdaad redelijk nauwkeurig overeen met de realiteit.

Deze dappere strijders zijn helemaal voorbereid op het feestje na de wedstrijd. Kan een rituele vechtpartij het probleem oplossen? Bron: Twitter/fair use

Voetbal als lage intensiteit oorlog

Nederland is een vreedzaam land. Te vreedzaam naar de smaak van sommigen. Daarom zijn agressieve sporten als voetbal en ijshockey ook zo populair. Zij vormen een rituele, lage intensiteit oorlog. Waar ijshockey een mooie uitlaatklep biedt voor agressie tussen de teams door de geregelde kloppartij, waarbij de verschillende teams elkaar met hockeysticks bewerken, is dit bij voetbal lastiger. Een venijnige tackle of het molesteren van andere speler of scheidsrechter komt de speler al gauw op een gele of zelfs rode kaart te staan. Geen wonder dat supporters van de clubs graag hun woede op een andere manier koelen. Als ze de supporters van de tegenpartij niet kunnen vinden, worden al gauw politieagenten, straatmeubilair of winkels het slachtoffer. De regerende elite, die voornamelijk bestaat uit laffe weekdieren, probeert alle geweld uit te bannen. Maar wat, als we het op een slimmere manier aanpakken? En wel met een rituele vechtpartij?

Hoe organiseren we een mooie rituele vechtpartij?

Het doel is duidelijk. We moeten door middel van het rituele gevecht de instinctieve behoefte aan agressie en drama van de jonge mannelijke medemens in goede banen leiden, zonder dat er doden of ernstig gewonden vallen. Beschermende kleding, zoals brommerhelmen, en een soort sumo pakken, zijn dus een must. Verder moeten ze met een soort gestileerde piemels op elkaar los kunnen beuken. Het Ajax-team zou hiervoor rubberen Amsterdammertjes kunnen gebruiken. Hun aartsvijanden uit Rotterdam rubberen kolenscheppen of heipalen. Terwijl de PSV-aanhangers de tegenstanders met grote lichtgevende rubberen gloeilampen kunnen bestoken. En dan al woeste kreten slakend, in een hufterproof bus in clubkleuren op naar het weiland. En na het gevecht, als iedereen moe en bezweet is, een mobiele bar waarin er weer vrede gesloten kan worden. Tot de volgende kloppartij, natuurlijk. Wie weet worden deze kloppartijen nog wel meer populair dan voetbal zelf.

Source

1. Richard W. Wrangham, Two types of aggression in human evolution, PNAS January 9, 2018 115 (2) 245-253; first published December 26, 2017; https://doi.org/10.1073/pnas.1713611115

Alomtegenwoordige camera’s, een lofzang

Door veel mensen worden de alomtegenwoordige camera’s gezien als een aantasting van de privacy. Maar zijn de voordelen van alomtegenwoordige camera’s op straat niet veel groter dan de nadelen?

Camera’s hebben een slechte naam. Ze worden gezien als apparaten die mensen ongewild bespioneren. En dat doen ze natuurlijk ook. Maar toch zien we overal steeds meer camera’s opduiken. Elk telefoontje is voorzien van een camera. Winkels, opritten, voordeuren: overal is wel een van de incarnaties van de uitvinding van Kodak te vinden. Over het algemeen vinden we dat een slechte zaak. Maar waarom? Is het niet verstandig om dit wat meer genuanceerd te bekijken dan nu gebeurt?

Alomtegenwoordige camera’s bieden veel voordelen, maar veranderen ons gedrag. Bron: Pawel Zdziarski, Wikimedia Commons

Met het verdwijnen van godsdienst zijn camera’s een goede vervanging voor God

Gelovigen in monotheïstische religies denken dat hun god ze 24 uur per dag in de gaten houdt. Alles wat ze doen, wordt door God waargenomen. Als ze een zonde begaan, dan moeten ze later een boetedoening doen voor deze zonden. Of ze betalen in het hiernamaals de prijs. Als gevolg hiervan zijn gelovigen meestal braver dan mensen zonder geloof. Immers, bij alles wat ze doen kijkt hun god toe. Camera’s kunnen de rol van deze god overnemen bij ongelovigen, een sterk groeiende groep.

Camera’s voorkomen diefstal en vandalisme

Als dieven en vandalen weten dat er camera’s aanwezig zijn, worden ze minder actief. Het besef dat hun ambacht wordt opgenomen en bekeken na een inbraak, maakt dat de lol er dan snel af gaat. De pakkans neemt dan namelijk drastisch toe. Als overal camera’s zouden hangen wordt het beroep van inbreker met uitsterven bedreigd. Domweg, omdat risico’s dan niet meer in verhouding staan tot wat het opbrengt.

Alomtegenwoordige camera’s geven vrouwen meer veiligheid

Iedere vrouw kent wel die donkere plekken, waar ze in de avond liever niet alleen langs willen gaan. Als op deze plek camera’s zouden hangen, zou het voor straatrovers en verkrachters een stuk gevaarlijker worden om hier op prooien te wachten. En daarmee onaantrekkelijker. Ook dingen als drugshandel en heling worden zo stuk lastiger.

Alomtegenwoordige camera’s dwingen de politie en ambtenaren om zich ethisch juist te gedragen

Dankzij camera’s werd de politieagent, die George Floyd hardhandig arresteerde en verstikte, betrapt en veroordeeld. Er komt zo ook meer ruimte voor verdachten om hun kant van het verhaal te kunnen vertellen. Bij verkeersongelukken zorgen camera’s in auto’s ervoor dat exact duidelijk is wat er precies is gebeurd, en wie uiteindelijk het ongeluk heeft veroorzaakt. Op dit moment profiteren politieagenten van de regel, dat hun getuigenis dubbel zo zwaar telt als die van een burger. Toch zijn ook camera’s niet zaligmakend. Immers, mensen die weten dat ze gefilmd worden, kunnen een toneelstukje opvoeren waarbij het lijkt alsof iets plaats heeft gevonden, terwijl het niet plaats heeft gevonden.

Psychologische effecten van het panopticon

Het panopticon is een structuur waarin iedereen altijd bekeken kan worden door een waarnemer. De reden dat de Koepelgevangenis deze structuur heeft. Nu is een speciale architectuur niet mer nodig, detechniek levert hetzelfde effect. Over het algemeen worden “bekeken” mensen braver. Uit onderzoeken blijkt, dat mensen die weten dat ze gefilmd worden hun gedrag extra intensief, als het ware “dubbel” beleven. Wie eet, denkt dat hij of zij meer gegeten heeft dan in werkelijkheid, bij het maken van een test denkt hij dat hij meer fouten heeft gemaakt dan in werkelijkheid en zo voort.

Wat denken jullie, wordt de wereld een betere of slechtere plaats met meer camera’s? En kunnen we als mens zonder privacy?

5 mei: iets te vieren?

Op 5 mei vieren de Nederlanders de bevrijding van Nederland van de nazibezetting op deze datum in 1945. Hoeveel vrijheid hebben we nu?

De meeste landen, waaronder België, vieren hun nationale feestdag op de Onafhankelijkheidsdag. Er zijn enkele uitzonderingen. Zo herdenken de Serviërs de nederlaag tegen de islamitische Turken op Kosovsko Polje (wat eeuwen van Turkse overheersing inluidde). Deze nederlaag bepaalt de Servische mindset sterk, wat de wreedheden door de Serviërs tegen de overwegend islamitische Bosniërs (door de Serviërs als opvolgers van de Turken gezien) voor een belangrijk deel verklaart. Ook Nederland viert de nationale feestdag op een andere datum dan de Onafhankelijkheidsdag 26 juli (toen in 1581 het Placard of Abandonment Nederland voor het eerst als staat uitriep).

Antarctica kent totale vrijheid. Daarom is er op Antarctica geen Bevrijdingsdag nodig. corp2417, NOAA Corps Collection Photographer: Giuseppe Zibordi Credit: Michael Van Woert, NOAA NESDIS, ORA Public Domain

Vrijheidsstrijders tegen fascisme versus vrijheidsstrijders tegen islamisering

Ook hier zien we dat de nationale mythe achter 5 mei de Nederlandse identiteit sterk bepaalt. Waar voor de Tweede Wereldoorlog het VOC-verleden en de strijd tegen de Spanjolen de stichtingslegende uit maakten, is dat na 1945 de strijd tegen het fascisme. Deze stichtingslegende heerste het sterkste in de jaren zeventig tot negentig, maar kwam in diskrediet na de aanslagen van 11 september 2001. De moslims, die eerst als onderdrukte groep werden gezien, bleken ook in staat tot veel geweld en onderdrukking. Partijen die verzet tegen de islamisering als voornaamste programmapunt hadden, bereikten ongekende zetelaantallen – de Centrumpartij en later Centrumdemocraten van wijlen Hans Janmaat, die soortgelijke ideeën hadden, leidde in vergelijking een kwijnend bestaan (nul tot drie zetels).

We zien daarom dat de nationale legende achter Nederland nu in tweeën is gesplitst. Aanhangers van beide afsplitsingen zien zichzelf als vrijheidsstrijders. Een narratief dat Nederland als bastion van het antifascisme ziet (de aanhang van de progressieve partijen), en daarom steeds meer antiracisme-thema’s aan 4 en 5 mei koppelt. Zoals de discriminatie van Marokkanen en andere achtergestelde groepen.

En een narratief dat Nederland wil bevrijden van buitenlandse overheersing door de Europese Unie en de islamisering (het fortuynisme en later de PVV en JA21).

Om de verwarring compleet te maken is er nu een derde narratief, dat samenhangt met de dwangmaatregelen tegen de verspreiding van covid-19. Forum voor Democratie en de viruswaarheids-beweging geloven dat covid-19 een complot is om ons onze burgerrechten af te pakken en een politiestaat in te voeren. Ook zij zien hun strijd tegen de avondklok en andere regeringsmaatregelen als een vrijheidsstrijd.

Weer een Onafhankelijkheidsdag?

Op dit moment is het debat over vrijheid totaal vergiftigd. Het enige wat wij Nederlanders delen is onze geschiedenis. En zelfs daarover verschillen de meningen, gezien de beeldenstorm op wat ooit nationale helden waren. Daarom is het misschien beter om vijf mei af te schaffen en te vervangen door een Onafhankelijkheidsdag, wellicht met een focus op de mensenrechten zoals die in onze Grondwet staan. Want dat Nederland een onafhankelijk land is, daarover zijn we het wel eens.

Democratie en lange termijn denken: gaan ze samen?

Democratie ontaardt vaak in adhocratie. Het instabiele politieke landschap heeft een verwoestende invloed gehad op het lange termijn denken. Hoe verzoenen we democratie en lange-termijn denken?

De representatieve democratie, een onvolmaakt systeem

Democratie is een regeringsvorm waarin het volk het laatste woord heeft. De ultieme bron van macht van het landbestuur is de wil van het volk. Omdat het althans tot nu toe niet praktisch was dat het hele volk tegelijkertijd bij het bestuur van het land betrokken is, is gekozen voor een representatieve democratie. Dat houdt in, dat het volk vertegenwoordigers aanwijst, bijvoorbeeld de leden van de Tweede Kamer. Daarom zijn er verkiezingen. Op dit moment kies je in Nederland voor bepaalde partijen. Dat wil zeggen, dat je maar moet hopen dat over partij datgene doet wat ze beloofd hebben in hun partijprogramma. Tweede nadeel van het huidige systeem is dat wat een partij wil niet altijd overeenkomt met wat jij als kiezer wil. Het is meer een kwestie van op de minst slechte partij stemmen, dan op de ideale politieke partij stemmen. Omdat de kiezers niet altijd tevreden zijn met de partijen, waarop ze gestemd hebben sinds, zie je vaak grote fluctuaties in verkiezingen. Deze fluctuaties vertalen zich in vaak radicale beleidswijzigingen. Dat maakt democratieën vaak nogal korte termijn gericht.

Veel problemen, denk bijvoorbeeld aan klimaatvraagstukken, bevolkingspolitiek en technologiebeleid, vereisen het denken in een tijdspanne van tientallen jaren. De meeste gekozen politici denken hooguit in vier jaar, tot de volgende verkiezingen. Immers, dan zit hun werk erop. Dit maakt, dat hun beleid gericht is op korte termijn resultaten en korte termijn doelen. Op deze doelen worden ze namelijk afgerekend door de kiezer.

Autocratische regimes zoals dat van China gebruiken dit vaak graag als argument om te bewijzen, dat democratie niet werkt en dat hun dictatoriale systeem superieur is aan de democratie. Als wij als democraten hier geen goede oplossing voor verzinnen, zal China bepalen welke richting de mensheid opgaat. Dat betekent: een hightech politiestaat. Natuurlijk heeft dat ook voordelen, maar voor mensen zoals ik die van vrijheid houden, is het een totale nachtmerrie.

Ligt het aan de kiezer?

Vaak denken de Haagse politici, dat kiezers alleen korte termijn denken. Dat is onzin. Wij Nederlanders denken natuurlijk geregeld lange termijn. Bijvoorbeeld, als we een huis met hypotheek kopen. Als we besluiten om kinderen te nemen. Als we een pensioen afsluiten. Of als we kiezen voor een bepaalde opleiding. Het is onzinnig om te veronderstellen dat als wij rationele beslissingen kunnen maken voor ons eigen leven, wij niet in staat zouden zijn om rationele beslissingen te nemen over welke richting Nederland politiek gezien uit moet. Lange termijn denken is iets dat we kunnen leren en dit vormt ook een taak van het onderwijs. Alleen een goed opgeleide bevolking garandeert dat democratie functioneert. In feite is er maar weinig verandering in wat wij kiezers willen op lange termijn. We willen dat de klimaatproblemen aan worden gepakt zonder dat dit onze economie om zeep helpt, bijvoorbeeld.

De kiezer kan best lange termijn denken. Het probleem is ons politieke systeem. Bron A. Bentayeb/Wikimedia Commons

Werkelijke oorzaak: het politieke stelsel

Het probleem ligt eerder aan het politieke stelsel in Nederland. Politieke partijen proberen voor alle problemen een pasklaar antwoord hebben. Het probleem is dat de ideale SP stemmer, GroenLinks stemmer of PVV stemmer niet bestaat. Politieke partijen zijn een vrij beroerd middel om de wensen van het volk te vertegenwoordigen. De representatieve democratie is in feite ook in de vorm van nu niet meer nodig, en moet uit worden gekleed. Deze kan worden vervangen door rechtstreekse democratie, bijvoorbeeld met veel meer referenda die op een elektronische manier afgenomen kunnen worden. Dat werkt prima. Kijk naar Estland.

De politieke elite communiceert niet eerlijk met de kiezers, maar liegt de bevolking doelbewust voor, om daarmee beleidsdoelen te bereiken. En niet alleen de bevolking. De elite liegt ook tegen de gekozen vertegenwoordigers van de bevolking, namelijk de Tweede Kamer. We zagen dit bijvoorbeeld tijdens de corona crisis, maar ook eerder. Bijvoorbeeld bij de deelname aan militaire missies die heel veel vluchtelingen hebben opgeleverd. Of gulle steunoperaties aan de Europese Unie. Er is hier dus sprake van een structureel probleem. Een probleem, dat wordt veroorzaakt door een gebrek aan inspraak van de bevolking.

Lange termijn politieke organen

We hebben in Nederland enkele organisaties met een langere termijn perspectief. Goede voorbeelden zijn Rijkswaterstaat, de Raad van State, Centraal Bureau voor de Statistiek en dergelijke. Ik denk dat het een goed plan is om voor ieder langetermijn vraagstuk een dergelijke raad te hebben. Dus een klimaat raad, een technologische ontwikkelingsraad, een immigratie en bevolkingspolitiek raad. ik denk ook dat de bevolking meer betrokken moet worden bij langetermijn vraagstukken. De kiezer is niet achterlijk. Wij Nederlanders behoren tot de best opgeleide mensen in de menselijke geschiedenis. De gemiddelde Nederlander heeft meer en betere scholing gehad dan Alexander de Grote. Het is niet nodig om te liegen om de bevolking de gewenste kant op te krijgen. Geef de bevolking het eerlijke verhaal, en laat merken dat je hun problemen uitstekend begrijpt en deze terdege mee gewogen zijn bij de uiteindelijke beslissing. Dat is de politiek waarop de Nederlandse bevolking zit te wachten. Niet op mooi weer verhalen en manipulatie.

Post-schaarste economie: de schuld voorbij?

Steeds meer van de economie bestaat uit lucht. In hoeverre zitten we al in een post-schaarste economie?

Bestaat schaarste nog wel?

Op de middelbare school leert iedere scholier die het keuzevak Economie had: economie gaat over het omgaan met schaarste. Hoe schaarser het goed in verhouding tot de vraag, hoe hoger de prijs. Dit is logisch als het om een grondstof zoals fosfor of platina gaat. Immers, we kunnen zelf geen fosfor of platina maken zonder een zware ster die op het punt staat supernova te gaan in de buurt.

Maar informatie is kosteloos oneindig te kopiëren. In een informatie-economie zijn producten niet meer schaars, tenzij deze schaarste kunstmatig wordt opgewekt. Met copyright-beperkingen, bijvoorbeeld. In een economie waarin alle waardevolle artikelen uit informatie bestaan, betekent meer koopkracht direct: meer groei. Dan wordt het economisch plotseling interessant om met helikoptergeld te gaan strooien.

Solarcoin is een voorbeeld van een energie gebaseerde munt. De meeste andere cryptocurrencies zijn puur gedekt door hun schaarste als informatie. Bron: SolarCoin/fair use

Aandachteconomie

In een informatie-economie is aandacht, de bereidheid om informatie te verwerken, het enige wat schaars is. Voordeel is dan weer dat aandacht democratisch verdeeld is. Want mensen geven aandacht, en ieder mens heeft evenveel aandacht om te verdelen.

Five Foundations Theory, vijf, of zes, linkse en rechtse deugden

Kan de Five Foundations Theory verklaren waarom de tegenstellingen tussen links en rechts onoverbrugbaar lijken?

Volgens de Five Foundations Theory zijn voor links, ‘liberals’ vooral de dimensies zorgzaamheid en gelijke behandeling belangrijk. Voor rechts, ‘conservatives’ zijn respect voor autoriteit, zuiverheid en groepsloyaliteit ongeveer even belangrijk. In Nederland is deze Usaanse indeling wat te simplistisch, omdat de vrijheidsindex ontbreekt. Bron: Jonathan Haidt/Wikimedia Commons

Wat houdt de Five Foundations Theory in?

In de oorspronkelijke versie van de theorie, opgesteld door de psychologen Haidt en Joseph in 2004, bestaan er vijf basale morele waarden. Deze zijn:

  • Zorg: anderen koesteren en beschermen; het tegenovergestelde van schade
  • Eerlijkheid of evenredigheid: recht doen aan gedeelde regels; het tegenovergestelde van bedrog
  • Loyaliteit of ingroep: staan voor uw groep, familie, natie; het tegenovergestelde van verraad
  • Autoriteit of respect: onderwerping aan traditie en legitiem gezag; het tegenovergestelde van ondermijning
  • Heiligheid of zuiverheid: afkeer van walgelijke dingen, voedsel, daden; het tegenovergestelde van degradatie

Aanhangers van de Five Foundations Theory stellen, dat het morele handelen van een mens door deze vijf ethische beweegredenen in wisselende mate wordt bepaald. Welke morele beweegreden het belangrijkste is, verschilt per persoon. Zo is voor fanatieke voetbalsupporters of nationalisten de waarde Loyaliteit het belangrijkst. Voor religieuze fanaten is dat Heiligheid/Zuiverheid.

Deze deugden worden in twee groepen ingedeeld, die ruwweg overeenkomen met links en rechts: de interne deugden Zorgzaamheid en Integriteit (voor links erg belangrijk) en de externe deugden Loyaliteit, Autoriteit en Zuiverheid (voor rechts erg belangrijk).

De laatste jaren hebben Haidt en Joseph een zesde morele deugd voorgesteld: vrijheid.

Conflicten tussen links en rechts

Uit bovenstaande grafiek blijkt dat links en rechts het er over eens zijn dat Eerlijkheid en Zorgzaamheid belangrijk zijn (al zijn deze voor links iets belangrijekr dan voor rechts). De echte verschillen treden pas op bij de overige drie morele dimensies. Links vindt Autoriteit, Loyaliteit en Zuiverheid weinig belangrijk, waar rechts deze even belangrijk vindt als Eerlijkheid en Zorgzaamheid. Dit verklaart veel van de conflicten tussen links en rechts. Links vindt rechtsdenkenden hardvochtig en oneerlijk, een soort enge fascisten, terwijl rechts hun linkse medemensen niet loyale, anarchistische en vunzige hippies vindt.

Hoe overbruggen we deze tegenstellingen?

Alle vijf deugden spelen min of meer een belangrijke rol in het overleven van een maatschappij. Zorg en eerlijkheid houden de corruptie laag en de bevolking gezond. Autoriteit handhaaft de gevestigde orde – waarvan je je uiteraard kan afvragen of dat altijd gewenst is – , loyaliteit houdt de groep bij elkaar en zuiverheid kan beschermen tegen schadelijke invloeden. De drie laatstgenoemde deugden zijn arbitrair.

Botsing van vijf morele waarden

In de recente affaire rondom het regime-Rutte zien we een conflict van deze vijf morele waarden. Liegen, wat Rutte deed, is oneerlijk en daarmee een walgelijke daad. Erger nog: Rutte loog ten koste van de slachtoffers van de kindertoeslagaffaire. Rutte loog echter in commissie, met zijn partners in crime van het kabinet. Rutte deed een beroep op de typische rechtse deugden loyaliteit en autoriteit om dit te overleven. Dat werkte: de rechtse stemmers op zijn partij VVD lopen nauwelijks weg en zijn coalitiepartners CDA en D66 bleven de liegende premier trouw. Voor de christelijke partij ChristenUnie was het liegen en de Kamer bewust van informatie onthouden dermate degraderend, dat deze partij de samenwerking verbrak. Bij de leiding van de opportunistische partijen D66 en CDA ontbreekt een moreel kompas, hoewel de CDA-achterban mort.

More information

Moral Foundations Theory (Wikipedia)

English