Kunnen machines denken?

Share Button

I propose to consider the question, “Can machines think?” This should begin with definitions of the meaning of the terms “machine” and “think.” (1)

Met deze woorden opende Alan Turing in 1950 het artikel waarin hij een test omschreef die inmiddels bekend is onder de naam ‘Turingtest’. Deze test hield grofweg in dat een ondervrager door vragen te stellen erachter moet komen welke van de ondervraagden een mens is en welke een machine zonder deze te kunnen zien. De machine ‘slaagt’ voor de test als het de ondervrager niet lukt onderscheid te maken tussen de twee; als de machine reageert als ware een mens.
De vraag of machines kunnen denken vond Turing ‘te zinloos’ om over te discussiëren (2), maar de Turingtest beïnvloedt zeker de manier waarop men tegenwoordig naar kunstmatig intelligente machines kijkt en zal ook in de toekomst relevant zijn omtrent de vraag of, jawel, computers kunnen denken.
In dit artikel ga ik, in tegenstelling tot Turing, ervan uit dat de machine niet alleen in taaluitingen en ander gedrag, maar ook qua uiterlijk in de toekomst niet van de mens te onderscheiden zal zijn [a]. Voor het gemak zal ik deze machine ‘Tuman’ noemen [b].

Hersencapaciteit van de toekomst?

In 1958 schrijft Norman Malcolm (3) dat computers woorden nooit zullen kunnen begrijpen zoals een kind ze begrijpt, omdat een computer (net als een boom) niet kan handelen en dus niet kan deelnemen aan dezelfde tests als een kind (4). Een aantal jaar later maakt Malcolm onderscheid tussen verschillende opvattingen van ‘denken’ (5): het denken als in ‘een bewustzijn hebben’ en een gedachte hebben als in ‘propositionele attitudes hebben’. Als voorbeeld van dit onderscheid noemt Malcolm dat een hond niet de gedachte kan hebben “er zit een kat in de boom”, maar wel kan denken dat er een kat in de boom zit (6). Zo kan ook een mens denken zonder een gedachte, maar kan Tuman slechts gedachtes hebben zonder werkelijk te denken.

Voor John Searle (7) bestaat er geen twijfel of zijn hond kan denken: hij denkt omdat Searle wéét dat hij denkt (common-sense-argument). Dit zou betekenen dat als Searle van jongs af aan zou zijn opgegroeid met ‘denkende’ Tuman, Searle ook ‘weet’ dat deze denkt. Toch zou Searle het daar niet mee eens zijn; hij geeft met het Chinese-room experiment aan dat mensen van een machine niet zullen zeggen dat het een taal daadwerkelijk ‘kent’ als het slechts blindelings instructies omtrent die taal opvolgt. Dit is wat bij Tuman wél gebeurt. ‘Kennen’ is meer dan correct toepassen; het is daadwerkelijk begrijpen wat er gebeurt.

Volgens Searle en Malcolm kan Tuman dus niet denken. Toch ben ik van mening dat het mogelijk is om Tuman te laten denken op een manier die gelijkend is aan die van mensen, en wel met het invoeren van ‘conflicten’. Zowel bij Donald Davidson (8) als bij Harry Frankfurt (9) wordt ‘denken’ in zekere zin gedefinieerd aan de hand van een notie van conflict, hoewel beide filosofen dit op een verschillende manier uitwerken.

Voor Davidson moet men kunnen realiseren dat men een verkeerde overtuiging had. Pas als je kan denken: “ik had het fout” (en dus ook een fout hebben gemaakt), dan kan je echt denken. Frankfurt koppelt het persoon-zijn (wat voor hem niet per se hetzelfde is als mens-zijn) aan doelgericht handelen op basis desires van verschillende orde[c][d]. Dat desires van verschillende orde bestaan blijkt op het moment dat er een conflict tussen verschillende desires ontstaat. Als men slaagt gedrag te sturen op basis van hogere orde desires, is dat een manifestatie van vrije wil [!]. Een computer zal nooit kunnen zeggen: “ik heb een verkeerde berekening gedaan” (Davidson) of: “ik wil dat ik x zou willen” (Frankfurt). Er moet, om deze eigenschappen van denken te genereren, een bepaalde vorm van ruis geïntroduceerd worden in het lauter rationele proces van Tuman.

Searle en zijn Chinese Room Experiment

Searle en zijn Chinese Room Experiment

Door aan de hand van externe ruis (ERF [e]) random input te genereren, zal Tuman zich menselijker gaan gedragen. Een voorbeeld van ERF is de kosmische achtergrondstraling die reeds door instituten wordt gebruikt om ‘true randomness’ te verkrijgen (10). Als Tuman uitgerust is met een dergelijke ‘stoorzender’, zal het onmogelijk zijn om het gedrag van Tuman precies te voorspellen.

Bij het Chinese-room experiment van Searle wordt niet van ERF uitgegaan; het stellen van dezelfde vragen zal altijd tot het geven van dezelfde antwoorden leiden. Met de ERF zal dit niet het geval zijn. Malcolm op zijn beurt, kon in 1958 nog niet weten dat computers uiteindelijk wél kunnen handelen en dus aan dezelfde tests als kinderen mee kunnen doen. Bovendien, zoals hij in 1973 zelf aangeeft, bestaat er niet zoiets als hét prototype van denken (11). Daarom denk ik dat de argumenten van Malcolm en Searle minder zwaar wegen in het geval van Tuman en kunnen we aan de hand van Davidson en Frankfurt stellen dat Tuman, mits met ERF, denkt.

Notes:
[a] Dat ze er ook hetzelfde uit zien is om het ons makkelijker voor te stellen dat we empathie voor een robot kunnen gaan voelen. Zodoende zal er ook minder snel een discussie ontstaan a la Nagel (12); dat het moeilijk is om een eerste persoonsperspectief in te nemen ten opzichte van een entiteit die niet op een mens lijkt (13). Verder valt Tuman op die manier ook makkelijker onder het analogie-argument zoals geformuleerd door J.S. Mill (14).
[b] Tuman is uiteraard een speelse samentrekking van Turing en Human.
[c] ‘Desire’ wordt niet vertaald, maar zou in de ruime zin als ‘verlangen’ kunnen worden gelezen.
[d] Ik ga in deze tekst niet in op wat hogere orde desires zijn.
[e] ERF = Externe Ruis Factor.

Bronnen:
(1)    Turing, A.M. (1950). Computing machinery and intelligence. Mind, 59, pp. 433-460.
(2)    Ibid., p. 442.
(3)    Malcolm, N. (1958). Knowledge of other minds. The Journal of Philosophy, LV No. 23, pp. 969-978.
(4)    Ibid., pp. 973-974.
(5)    Malcolm, N. (1973). Thoughtless Brutes. Proceedings and Addresses of the American Philosophical Association, 46, pp. 5-20.
(6)    Ibid., p. 15.
(7)    Searle, J.R. (2002). Animal minds. Consciousness and Language, pp. 61-76.
(8)    Davidson, D. (1982). Rational Animals. Dialectica 36, pp. 95-105.
(9)    Frankfurt, H.G. (1971). Freedom of the Will and the Concept of a Person. Journal of Philosophy 68, pp. 5-20.
(10)    Random.org, True Random Number Service. < http://www.random.org/>
(11)    Zie 5, p. 15.
(12)    Nagel, T. (1974). What is it like to be a Bat? Philosophical Review, pp. 435-450.
(13)    Ibid., p. 442.
(14)    Mill, J.S. (1889). An Examination of Sir William Hamilton’s Philosophy. 6th Edition, pp. 243-244.

Share Button

Niek

Houdt zijn eigen blog bij op DenkOpener. Aanwezig op sociale media, zie: LinkedIn, Twitter, Facebook.

Dit vind je misschien ook interessant:

46 reacties

  1. Niek schreef:

    N.b. Behalve een leuk artikel, is dit ook een opdracht die ik moet inleveren voor school. Alle commentaar is dus welkom!

    Helaas heb ik her en der wat grote stappen moeten nemen om het niet een te groot artikel te laten worden.

  2. Barry schreef:

    Niek,

    Ik wil je stuk best becommentarieren maar ik zou graag willen weten van jou welk aspect van je stuk door je opleiding het meest gewaardeerd wordt. Je hebt zoveel bronnen vermeld dat ik er wel een uurtje of zo voor nodig heb om dat te bestuderen. (als mijn commentaar tenminste zinnig genoeg is voor jou)

    • Niek schreef:

      Haha één van de eisen was dat ik de standpunten van 3 filosofen (Turing en Frankfurt niet meegerekend) eerlijk en duidelijk weergeef. Ik vrees dat ik daar niet al te best in ben geslaagd.
      Maar waar het mij met name om gaat is of mijn conclusie, dat Tuman (inclusief ERF) kan denken, voor jullie logisch volgt uit al het voorgaande. Is er iets dat ik beter weg kan laten of is er een stap die ik moet toevoegen/uitbreiden? Met andere woorden: is het duidelijk wat ik bedoel? :p

      En uiteraard is alle commentaar zinnig, onafhankelijk van je achtergrond!

  3. Stijn schreef:

    Het vervelende van dit soort vragen is dat het antwoord afhangt van je definitie van “denken”, “bewustzijn” e.d. Antwoord hangt natuurlijk altijd af van de definitie van de termen in een vraag, maar “denken” zijn bij uitstek begrippen die zich lastig in een definitie waar iedereen wat mee kan laten vangen.

    Het is daarom jammer dat we nog maar zo vreselijk weinig over de werking van onze hersenen weten, daarom blijf ik altijd een beetje hangen bij “we weten het niet” als antwoord hangen.

    Ik kan je redenering wel goed volgen, maar roept bij mij wel een vragen op over hoe de ERF-gebaseerde random factor dan zou werken. Het lijkt me niet dat bij (hypotethische) berekeningen in ons hoofd steeds een random getal tussen 0 en 1 opgeteld wordt bij elke stap ;) Zou het niet voor de hand liggender zijn om de willekeurige invloed in de kwantumhoek te zoeken? Daar is die zo’n beetje inherent. Bovendien kan ik me voorstellen dat een AI als kwantumcomputer geïmplementeerd zou worden.

    Maar goed, dan zou je waarschijnlijk weer wat uitleg moeten geven over kwantummechanica, en dan zit je al snel over de woordlimiet heen ;)

  4. Barry schreef:

    Niek,

    Ik heb nog niet alles bestudeerd maar ik kan je wel al vertellen dat de informatie die je gegeven hebt in je artikel al behoorlijk ouderwets is. Er bestaat namelijk al een techniek om de inhoud van iemands hersenen, al zijn levenservaring, zijn weten en kunnen, te downloaden in een computer. Als je deze informatie weer inbouwd in een lopende, bewegende en pratende robot dan zou het vodoende moeten zijn om een robot autonoom te laten “leven“ waarbij we dan even niet ingaan op de definitie van leven. In de eerste instantie zal deze robot alleen kunnen functioneren op de ervaringen die de persoon heeft gedaan. Geef je de robot de mogelijkheid tot AI dan zal deze robot nieuwe mogelijkheden kunnen vinden en gebruiken die voortvloeien uit het leven van de persoon waar deze ervaringen vandaan komen.

    M.A.W, ERF is in dit geval ouderwets geworden en zelfs overbodig.

    Ingaand op je stuk, als je denken ziet als één der vier psychische grondfuncties, waartoe verder voelen, waarnemen en willen worden gerekend zonder daarbij rekening te houden met de oerinstincten van een mens zoals de drang tot overleven dan kan je ervanuit gaan dat een computer uitgerust met ERF kan denken mits je die computer hebt uitgerust met software die de computer ook een eigen wil geeft. Let wel, dit is nog geen AI. Als je een computer namelijk geen opdracht geeft tot denken zal een computer uit zichzelf niet denken, een computer doet namelijk alleen wat de limieten van zijn software aankunnen. De conclusie die je trekt dat Tuman kan denken mits hij is uitgerust met ERF is dus een logische conclusie.

    Mijn persoonlijke mening over je stuk: Er zijn maar weinig dingen die ik niet kan begrijpen, voor mij was het een vrij duidelijk en makkelijk geschreven stuk. Als je een uitbreiding op je stuk zou willen toevoegen zou ik zeker eens nadenken over mijn commentaar op het downloaden van iemands herseninhoud.

    Verder zou ik ook eens nadenken over het feit dat ERF volledig irrationeel gedrag kan veroorzaken bij een robot die compleet losstaat van “denken“, hier wil ik mee zeggen dat ERF de logica van een computer volledig kan overstemmen.

    • Niek schreef:

      Barry,

      Zeker dat ik wat aan je commentaar heb, bedankt!

      Er zijn verschillende reacties die ik hierop kan geven. Allereerst is een mogelijk onderwerp dat ik in een vervolgstuk zou willen behandelen, dat ERF zou kunnen leiden tot creativiteit, en misschien zelfs tot een bepaalde vorm van evolutie. Zoals jij en Stein terecht opmerken, gaat het er natuurlijk wel om in welke mate ERF invloed heeft, omdat het inderdaad juist de (‘perfecte’) logica in de weg zit. Ik denk dat vanuit het inprinten van ‘ervaring’ (kan ik dat opvatten als ‘premissen’) nooit echte creativiteit zou kunnen ontstaan.

      Een tweede reactie komt van een opvatting vanuit de filosofie: het ‘qualia-probleem’. Het verhaal gaat over Mary, die alles weet wat er over kleuren te weten valt, ALLE mogelijke informatie (in haar hersenen) heeft. Maar, ze leeft in een zwart/wit wereld. Stel dat ze op een dag buiten komt en een rode tomaat ziet. Leert zij op dat moment iets nieuws? Is de ervaring van een fenomeen iets anders dan alles weten over dat fenomeen?
      Ik denk, zeker nu nog niet, dat je niet zou kunnen zeggen dat die computer die de levensinformatie van een mens heeft gedownload daadwerkelijk die ervaringen heeft gehad. En ook ‘heeft ervaren’.

      • Barry schreef:

        Niek,

        De ervaring van een fenomeen is idd iets anders dan alles weten over een fenomeen. Er bestaat bijvoorbeeld een ziekte warvan ik de naam even kwijt ben waarbij verschillende delen van de hersenen zodanig met elkaar verstrengeld zijn dat er mensen zijn die kleuren kunnen ruiken, kleuren kunnen voelen enz.

        Een tijd geleden heb ik een docu gezien op discovery waarbij dit soort zeldzaamheden getoond werden, daar was 1 blinde schilder bij die perfect met zijn vingers kon voelen met wat voor kleur hij aan het schilderen was. Ik denk zelf dat het niks met zijn vingers te maken had, ons reukvermogen is zo sterk dat we maar 1 atoom nodig hebben per geur om te weten wat voor geur het is. met andere woorden, we kunnen kleuren ruiken mits die kleur ook verbonden is met een specifieke geur. Er was ook een dame bij geluiden omzette in kleuren, dus bij alles wat ze hoorde zag ze letterlijk een kleur.

        Nee, een computer die de levensinformatie heeft van een mens heeft die ervaringen niet daadwerklijk gehad maar op het moment dat je die computer AI geeft zullen die ervaringen op die computer als levensecht inwerken omdat er dan immers een copy van een mens in die computer zit. Vandaaruit zal die computer op het moment dat die computer geactiveerd word een eigen leven gaan leiden en zelf beslissingen gaan maken gebaseerd op die levenservaring. Het verschil zal zijn dat de nieuwe situaties waarin die computer terechtkomt ook zorgt voor nieuwe oplossingen. We moeten wel voor ogen houden dat we het niet hebben over een desktop maar dat we het hebben over een computer met een omhulsel die lijkt op een mens anders kan die computer nooit handelingen verrichten. Als je die computer dus plaatst in situaties waar die persoon nooit in heeft gezeten zal die computer toch oplossingen zoeken gebaseerd op de ervaring van die persoon, als dat niet lukt moet die computer inventief worden. Het overleven van de soort staat altijd voorop, intuitief handelen en overleven zit niet alleen in de genen van een mens, in de loop van je leven zit het in je hele denkwereld ingebakken, dat zit dus met het downloaden van een menselijk brein ook automatisch in die computer.

    • Stijn schreef:

      Barry,

      Kun je me een link of bron geven over dat “downloaden” van iemands herseninhoud? Klinkt interessant, zou er graag meer over lezen.

      • Barry schreef:

        Stijn,

        Ik had deze vraag al verwacht en heb gisteren aan Germen een mail gestuurd of hij mij de link wil geven omdat hij degene is geweest die het artikel heeft geschreven op een andere site. Ik hoop dat Germen hierop reageerd en mij die link even opstuurd of gewoon die link hier even neerzet. Ik had mijn reactie naar Niek namelijk graag willen onderbouwen met die link. Ik heb weinig trek om honderden artikelen door te zoeken om die link terug te vinden :)

        • Barry schreef:

          Stijn,

          Ik heb een link voor je maar die link geef ik niet omdat er een paar haken en ogen aan zitten, wat ik wel aan je geef is het hele artikel wat door Germen, de eigenaar van Visionair.nl is geschreven met een aantal doorverwijzingen waar je meer info kan vinden over het downloaden van iemands brein. Ik hoop dat dit ook voldoende is.. :)

          Het geloof in reïncarnatie is duizenden jaren oud. Na onze dood, geloven bijvoorbeeld hindoes en boeddhisten, verhuist onze ziel naar een nieuw lichaam. Van een prins als we goed geleefd hebben, van een hond of vlieg als we een verschrikkelijke zonde zoals een moord hebben begaan. Reïncarnatie was het domein van dalai lama’s, brahmaanse priesters en spiritisten. Tot nu toe tenminste.

          Nu voor het eerst werken wetenschappers aan een gedurfd en controversieel project. Het in kaart brengen van de menselijke geest en het uploaden in een computer.

          Voor het eerst werken onderzoekers nu aan het opslaan van onze geest. Wordt reïncarnatie werkelijkheid?
          Enter het Amerikaanse bedrijf Lifenaut, waarachter de stichting Terasem schuilgaat. Het ultieme doel van Terasem, en dus Lifenaut, is het ontwikkelen van een levensechte kopie van de menselijke geest, een avatar (Sanskriet voor incarnatie, bijvoorbeeld van een hindoegodheid in een mens. Dit is ook het centrale plot van de gelijknamige SF-film Avatar: de geest van een mens in het lichaam van een alien) en deze huisvesten in een robotlichaam, wat de meesten onder ons waarschijnlijk als iets prettiger overkomt dan gehuisvest worden in een vlieg of lintworm. De mensen achter LifeNaut willen hun doel stapje voor stapje bereiken en zijn nu begonnen met het ontwikkelen van methodes om iemands zelf vast te leggen. Op dit moment gebeurt dat met weinig futuristische methoden als persoonlijkheidstests, interactieve leersessies, fotomateriaal en correspondentie. Aan de hand hiervan construeert LifeNaut een soort kunstmatige persoonlijkheid die zich in grote lijnen zou moeten gedragen als de levende persoon waarvan de avatar een afspiegeling is.

          Het probleem is natuurlijk dat de menselijke geest een werkelijk onzagwekkend grote hoeveelheid informatie bevat, volgens sommige schattingen vijftien ultracompacte harde schijven van een terabyte vol. Niet in een binaire vorm die we met een druk op de knop kunnen kopiëren, maar in het neurale netwerk dat honderd miljard neuronen met elk honderd uitlopers in ons brein vormen. Met onze nog zeer primitieve computertechnologie en rudimentair inzicht in wat een mens werkelijk laat tikken, zullen we de grootste moeite zullen hebben een ook maar enigszins realistische versie van een levend persoon te creëren. Maar daarentegen: in theorie is het mogelijk. Immers, zelf bestaan we ook.

          Lifenaut doet nu dus ook weinig meer dan flarden van informatie in hun neurale netwerk software integreren en op basis hiervan een kale virtuele persoonlijkheid creëren. Door middel van gezichtsspieranimatie software kan Lifenaut menselijke gezichtsuitdrukkingen redelijk realistisch nabootsen. Het nabootsen van iemands geest lukt Lifenaut veel minder goed. Kern van de persoonlijkheid is de chatbot Jabberwacky die ook zelflerende eigenschappen bezit.

          Het Lifenaut project is niet uniek. Ook Microsoft houdt zich al een decennium bezig met het Lifelog project, waarmee iemand zijn hele leven kan documenteren. Dit is een strategisch doel voor, Microsoft Live. Voor Microsofts aartsrivaal Google zou het niet al te moeilijk zijn hierop in te stappen, als ze dat niet al gedaan hebben, denk aan dit bericht. Van veel internetgebruikers zijn in hun Gmail bestand lange e-mailconversaties en chatsessies bekend die, wanneer geanalyseerd door een voldoend slimme kunstmatige intelligentie, letterlijk boekdelen spreken over hoe een persoon is.

          U kunt gratis een account bij Lifenaut aanmaken en daar uw wijsheden, fantasieën en andere dingen die volgens u onloochenaar uzelf uitmaken, aan het nageslacht toevertrouwen. Schrijver dezes ver/wantrouwt wat dat betreft liever op de geduldig snorrende harde schijven van het nimmer slapende Google netwerk.

          Meer lezen?

          Lifenaut
          Terasem Movement Foundation
          Transhumanisme
          Jabberwacky (chatbot)
          Immortal avatars back up your brain

        • Barry schreef:

          Niek,

          Kijk even naar de reactie die ik gegeven heb op 27 januari 2011 bij 14:02. Deze reactie geeft jou een overcompleet antwoord op je vraag, geschreven door Germen.

        • Stijn schreef:

          Ik kan niet anders dan concluderen dat dit niet in de buurt komt bij het “een techniek om de inhoud van iemands hersenen, al zijn levenservaring, zijn weten en kunnen, te downloaden in een computer”. Het lijkt me in zijn huidige staat een mooie manier om iets van jezelf achter te laten voor een volgende generatie, maar zoals het artikel zelf al zegt, onze huidige technologie en kennis is niet genoeg om écht een backup van iemands hersenen (of persoonlijkheid) te maken. Of dit project een toepassing heeft in het maken van een denkende AI vraag ik me dan ook af.

          Misschien dat je het als het wat verder is kunt gebruiken als “database” voor een AI; ook bij mensen speelt ervaring tenslotte een rol bij het maken van keuzes en afwegingen. Maar het systeem dat die keuzes en afwegingen maakt is niet hetzelfde als die database. Vergelijk het met deze website; die slaat de artikelen en het commentaar in een database op, maar zonder de scripts die die data bewerken en manipuleren is het niets anders dan informatie zonder context.

  5. Barry schreef:

    Niek,

    heb je iets aan mijn commentaar gehad? zo ja dan wat? zo nee dan waarom niet?

  6. Alfa schreef:

    Je kunt het antwoord op deze vraag strategisch eenvoudig houden, door het totaal aan antwoorden dat beschikbaar is door alle verantwoord wetenschappelijk onderzoek toe te passen. Het antwoord is dan eenvoudig nee. Steins suggestie dat we in dit verband moeten wachten op de eventuele ontwikkelingen op het gebied van kwantumcomputers, ligt dan ook voor de hand. De verwachte capaciteiten en efficiëncie zijn onvergelijkbaar groter.

    • Barry schreef:

      Alfa,

      je hebt mijn reactie gelezen neem ik aan, jij zegt stellig Nee, computers kunnen niet denken.

      Ga jij ervanuit dat een computer ook niet kan denken als je hem AI geeft en iemand´s brein download?

      • Alfa schreef:

        Barry.

        Kwantumcomputers zullen niet artificieel intelligent zijn, maar beschikken over een eigen capaciteit, die die van ons verre overtreft. Op basis van het principe van de kwantumcomputer, kwantumverstrengeling, zal geen sprake zijn van downloaden, maar van een rechtstreeks contact tussen jouw brein en het kwantumbrein. Met andere woorden, het kunstmatige brein wordt één met jouw ervaringen, en dus vormt het ook een eenheid met jouw lichamelijke sensaties. Volgens het principe van kwantum verstrengeling,
        ( deeltjes die elkaar beïnvloeden op afstand ) neemt zo’n computer alle informatie rechtstreeks uit jouw brein op. Deeltjes in jouw brein zullen synchroon lopen met deeltjes in het kwantumbrein, waar jij je dan ook bevindt, zonder fysiek contact, en in realtime, zelfs al bevindt jij je aan de andere kant van het heelal. Het wordt een synthese van jou zelf, met capaciteiten die die van jou, en elk ander mens zal overtreffen, een onvermijdelijke stap naar de synthese mens en machine.
        De machine zal geen programma kennen dat vergelijkbaar is met het principe van artificiële intelligentie. AI computers gebruiken programma’s, die vooraf volgens logische verbanden geïnstrueerd zijn, op antwoorden die het gevolg zijn van de vraag. Er is dus geen conflict situatie in de machine mogelijk. Het antwoord van dergelijke machines kan dan ook nooit fout zijn, maar wel het gevolg van een tekortkoming in het systeem, combinatie software en machine capaciteiten als geheel. Als antwoord op de vraag van Niek; ” Kunnen machines denken ” ( het is de vraag en titel ), mijn antwoord daarop was en is nee. Filosofen en wetenschappers liggen al heel lang in de clinch over de vraag, wat intelligentie of denken is. Men is het daar nooit over eens geworden, omdat deze vraag ons bij de bron brengt, het mechanisme erachter, de interactie tussen lichaam, brein en omgeving. Ons brein stuurt het lichaam aan in antwoord op omgevings invloeden in de natuur. De verschillende reacties van soorten op aarde zijn voor hun succes afhankelijk van de vindingrijkheid van deze soorten, en de mens is de meest vindingrijke op aarde. Wij hebben gesproken en geschreven taal ontwikkeld, en het is dat onderscheid dat wij met de andere soorten op aarde maken, dat wij denken noemen. We zijn in staat om het proces te benoemen, en kwalitatieve verschillen te definiëren in taal. Het zijn de kwalitatieve verschillen in vindingrijkheid, die wij stellen als het proces dat wij denken noemen. In werkelijkheid denkt echter alles, dat interactie tussen brein, lichaam en omgeving kent. Wat dat betreft komen we nog in de problemen, als ontmoetingen met buitenaardse rassen plaats vinden. Wie denkt er dan? Om ons daartegen in te dekken, kunnen we maar beter haast maken met de kwantumbreinen van de toekomst, die wel in staat zullen zijn om in synthese met ons brein, een logische interactie met deze vreemdelingen tot stand te brengen. Ik heb er in iedergeval geen zin in om in een kooi op de kattebak mijn behoefte te doen, als ze denken zoals wij.

        • Barry schreef:

          Alfa,

          Zoals jij het stelt heb ik het niet bedoeld, om mee te beginnen is een quantumcomputer niet nodig om een basic AI software in een pc te uploaden. AI bestaat al ook zonder quantumcomputers.

          Ten 2e heb ik zelf ook zitten denken aan het direct aansluiten van je brein op een computer maar dan kom je niet meer uit op zelfstandig denkende computers maar computers die worden gedirigeerd door ons brein. Dat betekent dus dat niet de computer denkt maar de persoon die nog in leven is waarvan het brein op de computer aangesloten zit. Als je een brein download in een computer bestaat het principe van vooraf ingeprogrammeerde gedragscodes niet meer als je uitgaat van de beschrijving die ik eerder gaf. De computer moet gaan overleven, participeren en anticiperen. Je weet zelf ook dat het artikel over het downloaden van iemands brein op faqt door Germen is geschreven en geplaatst, ik heb vandaag toch de moeite genomen om een paar honderd artikelen op faqt door te zoeken maar ik kon het artikel helaas niet vinden.

    • Niek schreef:

      Alfa,

      Welke vraag bedoel je precies? Of machines kunnen denken? Jou antwoord is een weinig filosofisch antwoord. Mijn reactie (wel vanuit filosofische hoek ;) ) zou zijn: hoe definieer jij denken? Er zijn filosofen die, heel kort door de bocht, beweren dat iets kan denken op het moment dat ik geloof dat het kan denken.
      En als vervolgvraag: wat is het dan dat mensen uniek maakt ten opzichte van machines?

      • Alfa schreef:

        Niek.

        Jouw antwoord staat hierboven, het is meteen ook het antwoord op jouw vervolgvraag, maar voor alle duidelijkheid nog even dit: Ik stel dus dat de interactie tussen het brein, het lichaam en de omgeving, een ervaringswereld schept die we denken noemen. Computers met AI kunnen dit niet, waardoor terecht gesteld kan worden, dat dit feit het onderscheid maakt dat levende soorten en met name speciaal de mens, uniek maakt ten opzichte van de huidige machines. Op basis van het begrip dat ontstaat uit een kwantumkoppeling, door verstrengeling en dus deling van lichamelijke sensaties, hoeft een machine echter niet langer over een eigen lichaam te beschikken, de synchroniteit schept gelijke ervaringen, en daarmee de mogelijkheid van het denken voor een machine. Op de conclusie dat je mijn eerste antwoord weinig filosofisch vond, kan ik antwoorden dat het resultaat van alle filosofische redeneringen in het verleden en tot nu toe, nooit geleid hebben tot de wetenschappelijke bevestiging of vaststelling dat enige machine ooit gedacht heeft. Dat antwoord is het enige antwoord dat tot nu toe als geldig wordt beschouwd. Vandaar dan ook mijn keuze in deze, om het eenvoudig te houden. Ik ga er in mijn filosofie vanuit, dat je beter een kort en vereenvoudigd antwoord kan geven, dat iedereen direkt naar een helder beeld voert, gebaseerd op een geldig eindresultaat.

        • Barry schreef:

          Alfa, je hebt een goeie reactie gegeven maar…er is helaas weer een maar…je hebt alleen de afkorting AI eruitgehaald en daar probeer je je gelijk uit te halen. Ik heb het niet alleen maar gehad over AI, ik had het over een computer met overlevingsdrang met AI, en reeele overlevingsdrang kan alleen als het brein van een mens in die computer zit (of dier maar dan wordt het wat gecompliceerder omdat we de taal van de dieren nog niet onder controle hebben). De conclusie die je trekt dat nooit enige computer ooit gedacht heeft is zoals ik het zie waarschijnlijk een goeie conclusie maar dat neemt niet weg dat het mogelijk is volgens de stelling die ik aangaf. Dat betekent dus: Ja computers kunnen denken als je een brein download in een computer c.q. robot.

        • Alfa schreef:

          Barry.

          Alleen al het idee dat jij denkt dat ik mijn gelijk probeer te halen is mij al genoeg, je krijgt van mij groot gelijk ten koste van de waarheid. Einde discussie.

        • Barry schreef:

          Alfa,

          Je geeft mij gelijk ten koste van de waarheid?
          Je hebt nog niks gezegd waaruit zou moeten blijken dat het niet waar is wat ik zeg. Bewijs me gewoon het tegendeel ipv mij hier voor leugenaar neer te zetten omdat ik volgens jou gelijk krijg van jou ten koste van de waarheid.

  7. Barry schreef:

    Niek,

    Je stelde je vraag aan Alfa maar het antwoord op je vraag:wat is het dan dat mensen uniek maakt ten opzichte van machines?
    Is heel erg simpel, mensen hebben een cerebraal geheugen, dat maakt mensen uniek ten opzichte van machienes, zonder cerebraal geheugen zal een machiene (nog niet) kunnen wat mensen kunnen en dat is logisch redeneren waarbij gevoelskwesties in de logica worden meegenomen. Afwegingen maken dus. In mijn reactie naar jou toe heb ik 1 van de vele definities gegeven van het woord denken waarbij ik rekening heb gehouden met de meest begrijpelijke aangaande het filosofische gedeelte.

  8. Netty schreef:

    Hee Niek,

    Ik hoop dat ik nog op tijd antwoord. Over de tekst en de opbouw ervan heb ik twee opmerkingen (mijn ervaring is dat dit bij opdrachten net zo belangrijk is als de inhoud):

    “De vraag of machines kunnen denken vond Turing ‘te zinloos’ om over te discussiëren (2), maar…” Misschien kun je hier toevoegen dat hier tegenwoordig anders over gedacht wordt? Anders is het ‘maar’ (de tegenspraak hierin) me niet duidelijk.

    “In dit artikel ga ik, in tegenstelling tot Turing, ervan uit dat de machine niet alleen in taaluitingen en ander gedrag, maar ook qua uiterlijk in de toekomst niet van de mens te onderscheiden zal zijn [a]. Voor het gemak zal ik deze machine ‘Tuman’ noemen [b].”
    1. Het lijkt nu net of jij in je artikel vooral ingaat op hoe machines uiterlijk zijn… ik zou iets meer specificeren waar jij je in je artikel op richt.
    2. Je praat in zijn algemeenheid, en dan ineens zeg je ‘Ik zal hem zus en zo noemen’. Ik zou zeggen dat je hierbij in enkelvoud spreekt, over een machine die je Tuman noemt.

    Verder hanteer je in je artikel een bepaalde opvatting van denken, die te verdedigen is. Ik denk echter dat je sterker staat als je eerst een definitie geeft van wat denken volgens jou is, of een paar dingen die denken voor jou kenmerkt.. en daarna dan aangeeft waarom Tuman volgens jou kan denken. Nu komen je argumenten op mij wat willekeurig over, omdat ze niet eerder geïntroduceerd/ingeleid zijn.
    (Een vraag die ook bij mij opkomt (en een beetje aansluit bij het laatste punt van Barry) is of denken niet een bepaalde consistentie veronderstelt. Maar ik vind het een goed punt van die creativiteit, en dat het goed is dat een machine niet alleen duaal denkt. Ik vind het wel een interessante vraag hoe je de willekeurigheid kunt indammen, zodat het niet nietszeggend wordt wat de machine uit… maar ook zonder daarmee teveel mogelijkheden uit te sluiten.)

    Verder zeg je dat het mogelijk is ‘een machine te LATEN denken’. Hiermee lijk je aan te geven dat denken geen autonome activiteit is, het wordt in gang gezet. Bedoel je dit ook zo? Of is het uiteindelijk iets dat wel autonoom werkt, maar een opstart nodig heeft..? Ik weet niet of het van belang is voor je punt en voor dit vak, maar het was een vraag die bij mij opkwam. Beoordeel dus zelf of het een goede woordkeuze is.

    Leuk dat dit weer zo’n andere benadering is dan denken vanuit humanistiek, ethiek en meer de praktische filosofie :)

    Veel succes nog!!

  9. Julie schreef:

    Ze zouden een computer kunnen proberen te leren, dat gaat aan denken vooraf, net als kinderen en daarna studenten. Een computer heeft geen gevoel en wil (nodig), daardoor ontstaan hier geen problemen. Om goed te leren heb je wel een geheugen nodig (leervaardigheden) en leerstof, en ook een goed leerproces die stapsgewijs plaatsvindt.
    Een leervaardigheid is een stappenplan dat de leerling (of Tuman) helpt het gebruik van het geheugen te organiseren:
    – betekenis geven aan informatie
    – ophalen voorkennis
    – structuur vinden binnen nieuwe informatie
    – nieuwe informatie vergelijken met voorkennis
    – eventueel bestaande kennisstructuur herstructueren
    – nieuwe informatie koppelen aan voorkennis
    Stap voor stap leert het het geheugen efficiënt te gebruiken, om te lezen, te rekenen, uit te leggen en begrippen te leren.
    Het leerproces bestaat uit:
    1 oriëntatie
    2 aanpak
    3 leren (leertrap)
    4 evaluatie.
    De leertrap bestaat uit:
    a feiten onthouden
    b begrippen opbouwen
    c toepassen van regels en wetten, en dan pas
    d inzicht!
    Als je aan veel begrippen tegelijkertijd aandacht moet geven, kun je gebruik maken van leervaardigheden. De juiste leervaardigheden hangen af van op welke trede van de leertrap de leertaak staat.
    Tenslotte bestaat er een reproductiegerichte leerstijl, een toepassingsgerichte leerstijl of een voor een denkende computer geschikte betekenisgerichte leerstijl: automatisch vergelijkt hij alle nieuwe informatie met wat hij al weet en zoekt hij naar nieuwe verbanden. Deze leerling weet vaak “vanzelf” een antwoord. De noodzakelijke handelingen om tot een antwoord te komen worden automatisch in het onbewuste (langetermijn) geheugen uitgevoerd.
    Wie weet wordt hij nog een goede student…

  10. Julie schreef:

    Er is een duidelijk verschil tussen de eerste drie treden van de leertrap en de vierde. De eerste drie leveren kennis op die meteen gereproduceerd kan worden, de vierde vraagt denkarbeid. Het probleemoplossend vermogen van computers zijn beperkt.
    Computers kunnen uitsluitend goed gedefinieerde problemen oplossen, maar in de werkelijkheid moet een probleem vaak eerst nog gedefinieerd worden. Diverse oplossingsstrategieën zijn ondergebracht in computerprgramma`s, waaronder algoritmen, heuristieken en expertsystemen.
    Maar de vierde trede vertegenwoordigt het inzicht.
    Voor het tonen van inzicht moet het probleem in onderdelen verdeeld worden en van ieder onderdeel het begrippennet worden geactiveerd (de analyse).
    Door het combineren van de gegevens uit het begrippennet kan dan gekomen worden tot een antwoord op een moeilijke vraag (de synthese).
    Dus verder dan het reproductiegericht en het toepassingsgericht gaat het betekenisgericht.
    Hierbij kunnen typen vragen worden herkend waarbij de leg-uit-vraag behoort bij trede 4, waarin wordt gevraagd om het relevante met elkaar te combineren.
    Het oplossen van ruimtelijke problemen gebeurt via mentale voorstellingen in zowel visuele als abstracte vorm.
    Denken in beelden horen bij de elementen van het denken, maar sommige elementen van het denken lijken helemaal niet op een afbeelding. Anders dan beelden zijn ze abstract en symbolisch, waarvan woorden een goed voorbeeld zijn.
    In de psychologie analyseren ze abstractere vormen van denken, sommige sleutelbegrippen als concept en propositie, treft men ook aan in verwante diciplines als de logica en de linguïstiek.
    Het combineren van kennis: wiskunde is begrippen en technieken leren en die toepassen op complexe problemen en sommen.
    Natuur-en scheikunde doen een beroep op:
    – studerend lezen en de daarbij behorende begripsontwikkeling en de leg-uitvragen;
    – modelontwikkeling (de werking van de zwaartekracht bijvoorbeeld) en de leg-uitvragen daarover;
    – wiskundige vaardigheden en sommen;
    – practica die worden ingezet om aan begrips-en modelontwikkeling bij te dragen;
    – beschikken over breed scala aan vaardigheden;
    – de combinatie van voorgaande aspecten moeten kunnen overzien.
    Biologie helt leertechnisch een beetje over naar de vakken die gebruik maken van studerend lezen, maar maakt wel gebruik van modelontwikkeling en practica.
    Beperkingen voor de computer zijn verder:
    1 computers definiëren niet zelf hun problemen,
    2 voor een probleem kan een andere benadering nuttig zijn, dus niet altijd met het doelgericht programma
    3 de computer kan vragen beantwoorden maar niet begrijpen waarom de vragen worden gesteld waardoor de uitkomst niet altijd relevant is.

    • Barry schreef:

      Julie,

      Ik vind dat je een mooi stuk hebt geschreven, petje af voor je..ik heb wel enkele bedenkingen.

      1 computers definiëren niet zelf hun problemen?

      Mijn computer definieerd zijn problemen altijd zelf (dankzij de software die er instaat) en bied mij zelfs oplossingen aan voor de problemen nog voordat ik om oplossingen heb gevraagd. Dat is niet bijzonder, elke windows computer heeft diagnostische programma´s.
      2 Mijn pc bied mij zelfs ondanks dat ik er niet om gevraagd heb meerdere oplossingen aan volgens andere invalshoeken. (ook dit is vanzelfsprekend voorgeprogrammeerde software)
      3 Als je uitgaat van mijn stelling dat je iemand´s brein kan downloaden en die computer ook AI geeft dan kloppen alledrie je laatste punten niet meer.

  11. Julie schreef:

    Barry,
    Precies, de programma`s en de software (ontwikkeld door mensen..) doen het.
    Verder heb ik het over de actuele situatie en we kunnen nog niet zoveel over de toekomst zeggen, maar een computer die op eigen inzicht gebaseerde oplossingen biedt? Een bekend expertsysteem is MYCIN, maar ook te rigide en te beperkt om echt intelligent te mogen heten.
    Veel problemen in het leven zijn “slecht gedefinieerd”, die moet je bijvoorbeeld in diverse stappen gaan onderzoeken om een goede oplossing te vinden. Er zit wel een voordeel aan machines: die nemen alles zeer letterlijk. Het programma moet daarom buitengewoon nauwkeurig worden uitgeschreven. Vage of al te algemene instructies zal de computer weigeren uit te voeren. Deze beperking is in feite een zegen voor de wetenschap: de onderzoeker is nu gedwongen zijn ideeën in zo strikt en expliciet mogelijke termen uit te drukken.
    De computer kan dus dienen ter ondersteuning van het inzicht van de onderzoeker.

  12. Barry schreef:

    Stijn,

    Heb jij dit zinnetje in Germen´s artikel gemist?

    Nu voor het eerst werken wetenschappers aan een gedurfd en controversieel project. Het in kaart brengen van de menselijke geest en het uploaden in een computer

  13. Julie schreef:

    ps. Niek,
    Dat Tuman kan denken incl. ERF vind ik niet logisch zoals je vroeg, en een stoorzender heeft logischerwijs geen stimulerende invloed op het denken of je moet met hersengolven rekening houden. Ook kan een computer geen hoger doel nastreven volgens het definitieprobleem, en heeft het geen besef.
    Maar wat vind jij nu, heb je een goede conclusie kunnen vormen en is jouw conclusie misschien verandert, of heb je nog vragen?

    • Niek schreef:

      Deze houd je van me te goed! Ik moet dit artikel morgen inleveren (ga m wel hier aan daar aanpassen), maar moet ook nog een ander artikel inleveren waar ik nu mee bezig ben. Wel een leuke discussie dit!

    • Niek schreef:

      Julie,

      Uiteindelijk heb ik het artikel niet zo heel veel meer aangepast omdat ik er geen tijd meer voor had. Samen met het artikel over determinisme heb ik het vrijdag ingeleverd, en ik hoop uiteraard op een leuk cijfer. Hoewel ik het belangrijker vind dat ik er wat van heb geleerd, en dat is in ieder geval gelukt!

      Wat mij ertoe heeft gezet dit artikel te schrijven is een idee dat ik al een paar maanden heb. Wat is namelijk HET verschil tussen mensen en computers? Volgens mij is dat dat een computer per definitie geen random getal kan geven. Ik heb dat aan een paar CKI-studenten nagevraagd en die achtte dat wel redelijk waar. Na wat onderzoek over randomness kwam ik uiteindelijk dus bij random.org waar ze beweerde ‘true-randomness’ te verkrijgen door wat ik heb genoemd een ERF.

      Ik ben zelf emergentialist en denk dat dingen als ‘bewustzijn’ en daarmee ook dingen als ‘emoties’ e.d. emergent zijn aan het brein. ‘Denken’, zonder een duidelijke definitie te geven, is voor mij ook emergent aan het brein.

      Om een brein op gang te helpen, is er denk ik zoiets als een causa sui nodig. En die heb ik in de vorm van die ERF ‘gevonden’. Hoe dat verder praktisch in zijn werk gaat, is meer een psychologische dan een filosofische vraag denk ik. Daar hou ik me -nu nog- niet mee bezig.

      • Julie schreef:

        Niek, ik vind het hèèl interessant. Het begrip emergentie vind je ook terug bij: complex systeem-Wikipedia. Gelaagdheid in de individuele mens vind je in de hersenen in de verdeling in witte en grijze stof. Het buitenste oppervlak, de hersenschors of cortex, bestaat uit grijze stof. Dit zijn de lichamen van de zenuwcellen. Elke cel staat in verbinding met duizenden andere cellen in de hersenschors, zodat er een enorme hoeveelheid informatie kan worden verwerkt. In deze laag vinden de hogere intellectuele processen plaats, zoals het denken en plannen, de gelaagdheid die wij eigenlijk bedoelen. Onder deze laag bestaat het grootste deel van de grote hersenen uit witte stof, de lange, geïsoleerde verbindingsdraden tussen de cellen. Deze verbinden de schors met alle andere delen van de hersenen.
        Ik vind het leuk met je mee te denken, twee weten meer dan èèn, enz…

  14. freddy- schreef:

    Bijkomend probleem (nog niet genoemd geloof ik: een mens ondergaat (oa) leeeftijds gebonden veranderingen, waaronder slijtage. Hoe bouw je dat in in een computer, een AI. Mn wanneer je het in progressie ziet, in de toekomst, veranderingen die nog moeten worden ondergaan, ervaringen waarvan je geen blauwdruk kunt overdragen. Puberteit, vruchtbaarheidsontwikkleing,zwangeschap, ouderschap, menopauze. Zaken die iets met je biologie doen, bv. De lijst kan vast nog worden uitgebreid…….

    • Barry schreef:

      Freddy,

      Ik heb aan alles gedacht behalve aan de vraag waar jij nu mee aan komt zetten. Ik heb hierop als antwoord dat er eigenlijk 2 antwoorden mogelijk zijn. 1: je bouwt het gewoon niet in waardoor eeuwig leven mogelijk wordt (nogmaals, we gaan even niet op de definitie van leven in), met jouw vraag bedoel je natuurlijk een mens die gedownload wordt in een computer met AI.

      2: het is mogelijk om een logaritme in te bouwen gebaseerd op het traject wat die persoon heeft gehad in zijn leven. Maar ik moet dan wel erbij zeggen dat het wel heel erg ingewikkeld word, je zou dan op basis van een analyse van zijn DNA moeten kijken wat voor ziektes die persoon heeft gehad en wat hem nog eventueel te wachten staat. Je zou bijvoorbeeld kunnen zien of die persoon, ik zeg maar wat, 70% kans heeft op kanker in zijn leven waarop je die robot ook de ziekteverschijnselen en gedrag meegeeft die horen bij het krijgen van kanker, of reuma of…nou ja, enz.
      Dit zou erg interessant kunnen zijn voor sociologische experimenten als het gaat om de interactie tussen 2 robots die beiden de wil hebben tot overleven. Maar..aan de andere kant is het verder nutteloos.Om een reeel effect te krijgen die te maken heeft met datgene wat een mens allemaal in zijn leven meemaakt en wat die robot nog zou kunnen meemaken als het gaat om veroudering, pubertijd, zwangerschap enz. heeft een robot lichaamsvloeistoffen nodig. Zonder lichaamsvloeistoffen zullen deze effecten niet eens bij benadering plaatsvinden.

    • Julie schreef:

      Ja, een zenuwoverdracht kun je nog in goede banen leiden met Neuro Emotionele Integratie (NEI), of met Neuro Linguïstisch Programmeren (NLP), alles met een kwantumcomputer (zie reacties Alfa).
      Maar hormonen, neurotransmitters, zijn chemicaliën.
      En vergeet de genen niet…

  15. Alfa schreef:

    Julie en Freddy en Netty.

    Spijker op z’n kop geslagen, vooral Freddy en Julie. Goed relevant reageren doe ik nu niet, de medicijnen zijn als een mist, ik hou het kort. Barry, iets ten koste van de waarheid zeggen, wil niet zeggen dat jij liegt, maar wel dat jij niet alle aspecten van het geheel dat denken inhoud meeneemt. Van alle resultaten die ooit geboekt zijn met AI, kwam in het meest gunstigste geval een soort idioot uit de computer, met abnormale prestaties in één onderdeel. Ik weet niet of ik dit goed spel, maar een idiot-savant was het geloof ik. Ik moet eerst rust nemen, loop gewoon vast, je weet wel waarom.

    • Barry schreef:

      Alfa,

      Als je mijn reacties beter had gelezen dan had je gezien dat ik je gelijk had gegeven, er is voorzover ik weet nog nooit een computer geweest die kon denken, ik had het ook niet alleen maar over AI, dat was het enige wat je eruit gehaald had en daar bouwde je je verhaal omheen. Mijn reacties waren gebaseerd op een computer waar een brein van een mens in gedownload was…met AI, dat is een heel ander verhaal. Ik had wel degelijk alle aspecten die te maken hadden met denken hierin meegenomen. Ik weet dat AI alleen geen moer voorstelt, als een computer geen emotionele overwegingen in zijn logica kan meenemen zal het nooit op denken lijken.

      Maar voor de duidelijkheid, als iemand een compliment verdiend dan is het Netty, zij heeft letterlijk antwoord gegeven op de hoofdvragen die Niek had en dat was het beoordelen van het artikel op de manier zoals de universiteit van Niek dat ook gedaan zou hebben.

      • Niek schreef:

        Haha maar een inhoudelijke discussie hou ik natuurlijk ook nooit tegen! Ik vind het interessant om te zien hoe er is gediscussieerd in deze. Dus bij deze iedereen bedankt voor de reacties!

  16. Alfa schreef:

    Barry.

    Ook Freddy en julie verdienen hier complimenten, die ik op z’n minst stevig zal moeten noemen. Tenslotte anticiperen zij op zaken die hier wel degelijk een rol spelen. Ik moet het hierbij laten, ik ben op nu, en lever commentaar op de simpele mechanische artikelen die ik gemakkelijk kan overzien.

  17. Русский schreef:

    De hersenen bestaat uit een plexus van axonen en dendrieten zijn de leden van de neuronen en deze neuronen met elkaar verweven zijn en aangesloten in de hersenen vooral op het oppervlak van de hersenhelften. Het is deze grote hersenhelft behouden ons geheugen, wie anders heeft geroepen hersenschors. Dit is vol van schors heeft ribbels die onderling verbonden door horizontale banden verenigen de frontale cortex en occipitale gebieden. Deze links zijn in contact met de neuronen groeien van zes lagen van de frontale cortex en met een strop in de kieming van de emotionele centra van het limbische systeem. Simpel gezegd, deze links dragen de emotie en schoonheid met een projectie op de bovenste laag van de windingen. Ook in Zuid-Korea hebben een verticale aansluitingen van de cortex naar het limbisch systeem, hippocampus en de thalamus. hippocampus heeft proktsiyu de cortex aan de achterkant van de frontale cortex en de thalamus heeft aansluitingen in de centrale gyrus verantwoordelijk voor een deel van het lichaam en ook met de occipitale en temporale gyrus van de cortex die verantwoordelijk zijn voor het gehoor en gezichtsvermogen. Hippocampus-talamusny reeks biedt denken waar de hippocampus wordt geassocieerd met het geheugen en de innerlijke wereld en de nieuwheid van de thalamus en de buitenwereld. Deze links hebben ook een projectie op de bovenste laag van de windingen. Naast de kern heeft zijn eigen projectie in de vorm van kolommen op de bovenste laag van de gyrus. En alle drie van deze projecties met elkaar verweven zijn in de dendriet – axon chaos waar er geen onnodige context die het mogelijk maakt te zien deze drie perspectieven als een enkele analoge projecties en de noodzaak om te proberen de gescheiden van elkaar projectie ontcijferen. Er zijn ook verbindingen tussen de linker en rechter hersenhelft die bepalen hoe de hersenen werken: lefty of righty. In principe is het moeilijk om de bovenste laag van de cortex scan en de vier types van het signaal aan elkaar en op basis hiervan los van het geheugen van de hersenen te brengen naar de media te overwegen. maar dit zou moeten doordringen in de hersenen heel veel scannen of naalden zoals ze worden genoemd pipetten.

    Prijs imyut alleen signalen afkomstig van de naburige halfrond en is rechtstreeks vijf tot zes lagen van de hersenschors. Echter, de signalen afkomstig van de frontale kwab aan de achterzijde van de cortex niet uit als irrelevant signalen van de hippocampus en de nucleus van de thalamus, omdat deze signalen worden geassocieerd met emoties en geheugen voor scan-vluchtig geheugen maakt niet echt uit.

    Een dergelijk oppervlak scan zal niet doden in de hersenen te scannen hoeft niet per se hetzelfde aantal naalden alsook axon aansluitingen en dringen verder dan de eerste bovenste laag niet nodig heeft. De moeilijkheid in de andere, namelijk dat er geen kunstmatig brein in staat is om deze informatie te nemen en ook wat te doen met het oude lichaam die niet alleen levend na een scan, maar relatief gezond gezien de plasticiteit van de hersenen en het lichaam in staat is om concretionary schedel die moest worden open tijdens het geheugen scannen. Hoewel het Blue Brain-project in Zwitserland, maar ze proberen om de hersenen van de rat te kopiëren, maar niet cheloveka.Poetomu deze twee zaken van belang zullen blijven voor een lange tijd.

  1. 7 februari 2011

    […] onze computers wel meer op die van het brein laten lijken – dus met deze lekvelden – om machinebewustzijn te ontwikkelen. Alhoewel er veel voor te zeggen is die doos van Pandora gesloten te […]

  2. 14 februari 2011

    […] we Watson als grensgeval voor mensgelijke kunstmatige intelligentie beschouwen, waar niet iedereen het mee eens is, dan zal de komst van kwantumcomputers of een voortdurende voortzetting van de Wet van […]

Geef een reactie

Advertisment ad adsense adlogger