paradox van Epicurus

De Paradox van Epicurus, het probleem van het lijden

Als God almachtig is, waarom is er dan lijden? Deze paradox van Epicurus is nog steeds actueel.

De oud Griekse filosoof Epicurus (341 v.Chr. – 270 v.Chr.) was misschien wel de bekendste leerling van Aristoteles. Hij was een creatief en origineel denker die in de klassieke tijd veel aanhangers, de epicureeërs, had. Volgens de epicureeërs was het hoogst haalbare in het leven de staat van ataraxie, een vorm van evenwichtige onverstoorbaarheid.

Erg veel met godsdienst had hij niet op, Epicurus was een fervente atomist. Het atomisme is een filosofische stroming volgens welke alles om ons heen in kleine ondeelbare brokjes, atomen, is opgebouwd. Zeg maar, ruwweg hoe de moderne wetenschap denkt dat de wereld is opgebouwd. Al was in die tijd natuurlijk nog niets bekend van subatomaire deeltjes als elektronen en protonen.

Van hem is de volgende beroemde paradox van Epicurus, ook wel bekend als het probleem van het lijden, bekend.

God, zegt hij [Epicurus], wil ofwel het kwaad wegnemen, maar is daartoe niet in staat;
of Hij is in staat en wil niet;
of Hij is niet gewillig noch in staat,
of Hij is zowel gewillig als in staat.

Als Hij wil en niet kan, is Hij zwak, wat niet in overeenstemming is met het karakter van God; als Hij in staat is en niet wil, is Hij jaloers, wat evenzeer in strijd is met God; als Hij niet wil noch in staat is, is Hij zowel afgunstig als zwak, en daarom niet God; als Hij zowel gewillig als in staat is, wat alleen geschikt is voor God, uit welke bron komt dan het kwaad? Of waarom verwijdert Hij het niet?

Paradox van Epicurus, als geciteerd door Lactantius

Paradox van Epicurus komt weer tot leven in de renaissance

paradox van Epicurus

Het klassieke tijdperk waarin er op intellectueel gebied veel vrijheid van meningsuiting was, werd daarna opgevolgd door de middeleeuwen, een tijdperk waarin er weinig ruimte was voor ideeën die in strijd waren met de heersende monotheïstische godsdienst op dat moment.

Veel atheïstische denkers waren er niet en als ze er al waren, dan werden ze meestal door de heersende kalief, koning of paus snel blootgesteld aan allerlei akelige straffen, waar de gemiddelde dictator van nu jaloers op zou zijn.

Toch bleef in al die eeuwen de paradox van Epicurus fier overeind. Zowel de aanhangers van Jahweh, God als van Allah hadden het erg moeilijk met deze duivelse paradox.

Vooral voor het christendom is deze paradox lastig. Volgens het christendom is God goed, en God is ook almachtig. Dus logischerwijs zou dan volgens het christendom er geen kwaad mogen bestaan. Binnen het christendom wordt dit opgelost door een beroep te doen op de vrije wil en de zondeval van de mens. Met andere woorden God heeft een deel van zijn macht gedelegeerd aan de figuur satan en aan de mens, en daarmee kwam het kwaad in de wereld.

Volgens de andere twee grote monotheïstische godsdiensten staat hun godheid boven goed en kwaad. In deze twee andere Abrahamitische godsdiensten staat de wet centraal. En de gelovigen worden beoordeeld volgens deze wet. Ook deze godsdiensten zijn gegamificeerd. Gelovigen kunnen bonuspunten verdienen door zich te houden aan de wetten en regels van deze godsdiensten. Maar ook hier geldt natuurlijk de volgende vraag. Als deze goden het zo belangrijk vinden dat mensen zich aan hun, vaak bizarre, regels houden, waarom maken ze dat dan zo moeilijk voor de mens?

Kortom, ondanks de ondergang van het epicurisme door de opmars van het christendom, is het laatste woord in deze filosofische strijd der titanen nog niet gezegd. En lijkt het epicurisme de beste kaarten te hebben. Mede dankzij deze lastige paradox van Epicurus.

Wil je meer weten over deze invloedrijke, maar vaak verkeerd begrepen filosoof? En vind je dit een leuke site? Lees dan de remedie van Epicurus via deze link en steun visionair.nl.

4 reacties op “De Paradox van Epicurus, het probleem van het lijden”

  1. Ik persoonlijk denk dat dingen niet zozeer draaien om goed en kwaad, maar om bestaan en niet bestaan. Hogere wezens bedoelen met kwaad denk ik ook het “niet bestaan”.

    God is niet in staat het kwaad uit te roeien, omdat de keuze om te bestaan een vrije keuze is. Het bestaan bevat meer dan er alleen zijn, het bevat een eindeloos aantal vormen van zijn wat nooit ophoud. Er zal morgen altijd meer bestaan dan vandaag en er is nooit een limiet aan wat er kan bestaan, het is eindeloos. Als je niet kan wachten tot het geluk ooit je kant op komt, in een eindeloos bestaan kan je immers nooit altijd ongelukkig zijn, tenzij je niet weet dat het eindeloos is. Want de wereld bevalt altijd wel ergens als je er met je gedachten bij kan komen.

    Je kan tegen het bestaan gaan keren. Wat elk mens ergens wel doet en ook echt gevaarlijk is voor mensheid. Dat is echter altijd een destructieve actie op jezelf, je kan echter dingen meenemen in je val. Gelukkig sterven wij ook, en om te voorkomen dat wij compleet verdwijnen, worden we door God bewaard. Onze verlangens worden vrijgelaten en compleet vervult. Zodat onze echt ik weer naar boven kan komen. We worden zelfvoldaan, relaties met onze naasten staan meer op het spel dan ooit. Ze waren immer vaak opgebouwd met verlangens, die dan voldaan zijn. We kunnen vervolgens onze eigen werkelijkheid maken, die lang niet zo volmaakt en duurzaam zal zijn als de echte wereld. De meeste van die werelden vervallen dan ook naar verloop van tijd in bloedbaden en helse werelden. Mensen worden moe van zichzelf, ze willen weer leven, ze begrijpen weer dat het leven volmaakter is dan onze wildste dromen. Maar ze mogen niet meer leven, te gevaarlijk voor de mensen die leven. Dus gaan ze in diepste krochten elkaar maar martelen met waanzin of ze komen nog een sterveling tegen die zijn bestaan wil opgeven voor wat verlangens en leven via hen. En daar komt het niet bestaan en kwaad elkaar een beetje tegen.

    Het is dus belangrijk dat je de wereld en de schepping ziet als een wereld beter dan je ooit had durven dromen en dat is ook zo. Maar ook in de perfecte wereld heb je niet altijd figuren die er het beste van willen maken. Ze zaaien niet bestaan nonsens: dat dingen niet echt zijn, je geen wil hebt, je een robot bent, dat je bestaan ophoud als je sterft, dat de wereld op vele plekken mank is, dat dingen niet eerlijk zijn, je geen toegang tot je verlangens hebt. Daarom is het ook niet zo gek dat veel kerken denken dat een boze geest zomaar toegang krijgt tot je wezen en je zonder er maar iets aan te doen of toevallig iets verkeerds te doen je voor eeuwig verdoemd kan zijn. Dat is nou juist waar mensen het kwaad wat ooit bestaan betekende verbasterd hebben, tot een plek waar we allen ontdaan kunnen worden van ons bestaan. Dat zijn krachten die het bestaan uit willen wissen.

    De wereld is gewoon groot en steeds groter. Het is nooit zo groot dat het mank is, al het goede cq het bestaan zelf blijft immers altijd aanwezig. We kunnen ons gewoon niet voorstellen dat de wereld eigenlijk vele malen beter is dan wij ooit hadden kunnen dromen. Het gedrag wat wij mensen vertonen is typisch het gedrag van een buitenwereld die mooier is dan ons innerlijk.

    1. Samenvat kan je zeggen dat omdat het bestaan eindeloos is qua vorm
      en altijd behoudend er zoiets als vrije keuze bestaat. Het is dus geen eigenschap van ons maar van het universum cq God zelf. Ooit zal het universum ook bewuster zijn dan zullen delen van materie bestaan uit pratende stenen en bloemen. Omdat ik het kan bedenken zal dat al ergens zo zijn. Als mens zullen wij enkele procenten van bestaansvormen kunnen bevatten. De rest is op een onbereikbare plek opgeborgen voor ons ego. Het bewustzijn stopt ook niet bij pratende stenen het gaat zo ver dat we het niet meer kunnen voorstellen opgebracht door een goede geest die er miljarden jaren over zal doen om die staat te bereiken.

  2. Het lijden zelf is trouwens een fabel. Beelden ingegeven door verlangens die je opsluiten in je eigen wereld, in de echte wereld. Het lichaam is instaan om je op elk moment gevoelloos te maken voor invloeden van buiten. Zoals Jezus al zei dat hij niet moest sterven voor de wereld maar door de mensen, Die geen wereld willen. Zijn lijden was niet echt, het was slechts een fase in het bestaan. Zou die echter blijven leven dan kon het bestaan in hem ook niet uitbreiden. Zodat zelf Jezus ooit een kunstenaar zou worden als architect van de werkelijkheid. Naast de Vader uiteraard. Werkelijksheids Architect worden is het einddoel van elk mens.

  3. Als laatste is het ontbreken van kwaad geen garantie dat de mensheid blijft altijd bestaan. Wellicht is onze bijdrage aan werkelijkheid te klein. Zijn er wezens met meer potentieel. Of zijn uiteindelijk er maar een handjevol mensen met talenten als werkheidsarchitect die behouden zulllen worden en zal de rest vervallen of toch verdwijnen. onze galactische uiteindelijke professie de echte reden dat we bestaan, niet om onze mensheid. En dan is het ineens niet meer zo oneerlijjk allemaal. Als we zien dat we een schakel zijn die zo groot kan zijn als die wil zijn in het hele geheel. En dat is nu net wat het bestaan omhelst.

Laat een reactie achter