De Franse Zonnekoning was bekend om zijn exorbitante hofhouding en spectaculaire feesten op zijn paleis te Versailles. Maar als we naar zijn levenskwaliteit kijken, blijkt zijn bestaan heel wat minder riant…
De Zonnekoning: bestaan in luxe
In veel opzichten was Lodewijk de Veertiende, die in de achttiende eeuw leefde, de meest geprivilegieerde burger van Europa. Hij had de beste artsen tot zijn beschikking, verwisselde meerdere keren per dag van kleding en kreeg de meest exclusieve gerechten opgediend. Hij hield er meerdere maîtresses op na, verwekte meer dan twintig kinderen en woonde in een schitterend kasteel met spreekwoordelijk riante tuinen. Met een enkele opdracht kon hij mensen ter dood laten brengen of het leven schenken. In zijn opdracht marcheerden tienduizenden mannen een naburig land in om dood en verderf te zaaien – een mogelijkheid waar Lodewijk de Veertiende veel en graag gebruik van maakte.
Andere vorsten deden hun uiterste best de pompeuze levensstijl van Lodewijk te imiteren. Overal in Europa verschenen klonen van Versailles.
Geneeskunde dodelijker dan ziekten
Toch kende Lodewijk de Veertiende veel luxe niet die vandaag de dag zelfs voor een Nederlander met een minimuminkomen vanzelfsprekend is. De man is bijvoorbeeld nooit buiten Europa geweest. Zelfs een reis buiten Frankrijk was een hachelijke onderneming. Zijn kennismaking met het buitenland bestond uit een legertent op bloederige slagvelden. De Zonnekoning is voor zijn tijd heel oud geworden, bijna 77 jaar, maar werd geplaagd door ziektes (nierstenen en jicht). Bij het trekken van een kies kwam een groot deel van de bovenkaak mee, waarbij even voor zijn leven werd gevreesd.
Geen wonder. De geneeskunst in die tijd was een belangrijke doodsoorzaak. Een geliefd geneesmiddel in die tijd en de negentiende eeuw was bijvoorbeeld het zwaar giftige kalomel, kwik(II)-chloride. Ook aderlaten en het gebruik van bloedzuigers waren populaire medische ingrepen [1]. Zonder verdoving. Erg veel genieten kon hij niet van zijn luxe leven door de vele pijnen waarmee hij te kampen had.
Veel mensen, ook de adel, stierven aan ziekten die we nu gemakkelijk kunnen behandelen. Lodewijk XIV stierf bijvoorbeeld een ellendige dood door gangreen, een zeer pijnlijke infectie waarbij het weefsel afsterft en zwart verkleurt. Tegenwoordig behandelen we dat met een enkele injecties penicilline G, nu in combinatie met een breed-spectrum antibioticum[2]. Althans: als het stompzinnige antibiotica-misbruik in de vee-industrie snel wordt stopgezet, voordat alle antibiotica door multiresistentie onwerkzaam worden.
Leven zelfs voor de adel ongemakkelijk
Huizen en dus ook paleizen in die tijd waren niet geïsoleerd, houten blokhutten wellicht uitgezonderd. Ze waren dus nauwelijks warm te stoken. Vlooien en hoofdluizen waren een voortdurende plaag, juist ook voor de adel met hun kostbare kleding en pruiken waar luizen en vlooien zich makkelijk in konden verstoppen. Seks betekende doorgaans zwangerschap. Het voedsel was saai en vitamineloos in de winter. Kleding werd met de hand gemaakt en was naar hedendaagse maatstaven lomp en oncomfortabel. Oh ja, en laten we de kans op verraad en moord niet vergeten. Lodewijk ontsprong de dans, maar vele andere vorsten uit die tijd eindigden hun leven door een sluipmoord, een hakblok of de guillotine. Dat laatste overkwam Lodewijk de Zestiende bij de Franse Revolutie. Nog steeds jaloers? Zelfs een bijstandsmoeder heeft het beter.
Dit alles dankzij drie eeuwen wetenschap en techniek. En het goede nieuws is: het wordt nog veel beter dan nu…
Bronnen
1. Léon Bernard, Medicine at the court of Louis XIV, National Institute of Health (US)
2. Erttmann M, Hobrecht R, Havemann D., Is penicillin G the drug of choice in gas gangrene? Results of a prospective documentation of clinical, microbiological and animal experiment data, Zentralblatt Chirurgie (1992)


Grappig, maar de conclusie zoals verwoord in de titel van het artikel is niet serieus te nemen.
Levenskwaliteit is wat anders dan rijkdom. Wat er niet is kan niemand kopen, dus het feit dat er ten tijde van de Zonnekoning niet de gezondheidszorg was die we nu een paar eeuwen later hebben, zegt niets over zijn rijkdom.
hoe definieer jij dan rijkdom, RM?