cultuur

Het einde van al het kwaad

Een buitengewoon interessant boek – The End of All Evil – by Jeremy Locke. Dit boek werd onder meer aangeraden in de 8 uur durende lezingenserie over Natural Law. Het boek zelf is slechts 98 paginas en leest gemakkelijk weg. De inhoud is buitengewoon interessant. Locke geeft aan dat mensen vrijheid nodig hebben zoals vissen water. Hij definieert kwaad als al datgene wat de vrijheid van mensen inperkt.

Daarbij richt hij zich vooral op autoriteiten als brengers van kwaad en via wat voor mechanismen zij gehoorzaamheid afdwingen, volgens Locke doen ze dat in den beginne altijd met geweld of met de dreiging van geweld. Daarbij gebruiken autoriteiten cultuur om eerder afgedwongen gehoorzaamheid zo goed mogelijk te behouden en zelfs uit te bouwen. Wetten en het controleren van spraak zijn de belangrijkste wapens van cultuur.

En hier komt ook de overlap met de 8 uur durende lezingenserie, de gewone man wordt in onze cultuur getraint om autoriteiten en wetten te gehoorzamen op straffe van geweld of opsluiting als ze dit niet doen. Ongeacht wie die wetten maakt en met welk doel die zijn gemaakt. Doordat mensen zo braaf wetten volgen en zelf niet nadenken of die wetten wel moreel verantwoord zijn, stellen gewone mensen psychopaten in de top in staat om via autoriteiten de meest gruwelijke zaken te doen. Het lijkt erop alsof Locke mensen bewust wil maken van de mechanimen die op ze wordt losgelaten vanuit autoriteiten om gehoorzaamheid af te dwingen. En daarnaast ze ook wakker te schudden dat de macht uiteindelijk bij onszelf ligt.

Als mensen massaal zelf het verschil leren tussen goed en kwaad via de natuurlijke wet inplaats van te geloven dat wetten komende vanuit autorteiten per definitie goed zijn en dus ophouden blind autoriteiten te gehoorzamen en orders te volgen dan zal het kwaad wat we in de wereld zien als sneeuw voor de zon verdwijnen. De vrijheid van onszelf en de mensen om ons heen zal hierdoor toenemen. Een interessante visie en buitengewoon helder en argumentair goed in elkaar gezet. Een aanrader voor iedereen omdat het je heel goed laat nadenken over autoriteiten, wetten, cultuur en onze eigen rol daarin. Mensen hebben oneindige waarde aldus Locke en als ze dat leren inzien is er geen autoriteit ter wereld die ze nog weer onder de duim kan krijgen.

The definition of freedom is the infinite value of the human being.
The definition of evil is the destruction of freedom.
Everything that is evil teaches people that they have limited value.

Truth is always simple. All people recognize truth because all people are intelligent beings. It is the nature of evil to create artificially complex ideas. It does this to hide or obfuscate the freedom it destroys. If you remove the complexities and fears from your life you will find a plain and beautiful truth. This truth is the nature of your worth.

To understand freedom is to understand the value of a person. Everything that evil wants is to disguise and destroy your value. All authority is created by evil men to disguise your worth. To understand your own worth is to understand the nature of liberty. The crucial key for understanding our world is to understand the nature of evil. Evil challenges the value of people by denying them the opportunity to make their own choices; by denying them the chance to grow strong in learning and understanding.

While evil seeks to destroy or hide a person’s worth, freedom shows humans their full potential and their full value. With freedom, people have loved, cured disease, removed hunger, eased labor and lived in peace. With freedom, happiness is possible. Freedom is the exact opposite of evil. Everything written in this book is written to destroy the ideas of culture and law. The lesson of this book is simple: nothing on earth is more valuable than you.

The End of All Evil – by Jeremy Locke

Ik vond het zelf een zeer helder en fijn boek om te lezen wat me goed aan het nadenken heeft gezet over een aantal zaken. Ik ben benieuwd wat anderen van het boek vinden.

Aanverwante informatie en artikelen:
-) The End of All Evil by Jeremy Locke (PDF)
-) Luisterboekversie op youtube van The End of All Evil
-) Youtube kanaal Larken Rose
-) The Story of the Tiny Dot
-) The Non Aggression Principle
-) Larken Rose in de rol van een Statist
-) De plantage van koning Willem
-) Als jij koning zou zijn
-) Intensieve menshouderij
-) Josie The Outlaw over zelfeigenaarschap
-) Discussie over Voluntarism vs Authority
-) Lezingenserie over The Natural Law or The Real Law of Attraction door Mark Passio
-) Het einde van al het kwaad, een boek van Jeremy Locke
-) Het meest gevaarlijke (bij)geloof, een boek van Larken Rose
-) In het licht van voortbestaan
-) Bashar, volg je hoogst passie met integriteit en zonder verwachtingen
-) Website www.TragedyandHope.com
-) Website www.WhatOnEarthIsHappening.com
-) De waarheid over ons onderwijssysteem
-) Rule from the Shadow
-) Is de gevestigde media een gecontroleerde papegaaienfabriek?
-) 10 keer falen/verraad van de Nederlandse 1% media
-) Copy-Paste nieuws
-) De strijd over uw verstand
-) De oorlog die je niet ziet op het NOS Journaal
-) 100 jaar mindcontrol experimenten – Human Resources
-) Counter Intelligence – Shining a Light on Black Operations
-) Orwell Rolls in His Grave
-) The Manufacturing of Consent
-) The Liberty Academy
-) The Greatest Truth Never Told (van dezelfde maker als The Liberty Academy)
-) Complotten zijn inherent aan machtsstructuren
-) Wie vormen het internationale private bankenkartel?
-) De oorlog vanuit de Verenigde Staten tegen democratie
-) Bekentenissen van een economische huurmoordenaar
-) Het militair industrieel complex

‘Jeugd wordt verafgood’

Volgens de omstreden Russische filosoof Alexandr Dugin verafgoden we in het westen de jeugd en jeugdig gedrag en wordt hierdoor imbeciliteit beloond. Als voorbeelden noemt hij zestigjarige intellectuelen die nog met hun ‘vriendin’ een discotheek bezoeken en ander kunstmatig jeugdig gedrag dat in feite van nature niet meer voorkomt bij ouderen. Weliswaar houdt Dugin er nogal onaangename ideeën op na over onder meer imperialisme en onfhankelijkheid van kleine staatjes die aan Rusland grenzen, maar hier heeft hij op zich een punt. Verafgoden we de jeugd en jeugdig gedrag teveel en belonen we imbeciliteit? Of is de mens net als de axolotl een neotene soort?

Is de mens net als de axolotl een volwassen geworden larve? bron: Wikimedia Commons

Neotenie
Neotenie wordt in de biologie gedefinieerd als het behouden van jeugdige kenmerken bij volwassenheid. Zo is de axolotl, een bedreigde salamandersoort die de pech had dat precies in zijn leefgebied één van de grootste steden ter wereld, Mexico City, kwam te liggen, een larvestadium van de salamander die zich voortplant. Ook de mens kent jeugdige elementen die ook bij volwassenen optreden. Zo zijn ook volwassenen nog dol op spelletjes en sport. Bij andere soorten komt dit gedrag op volwassen leeftijd veel minder voor. Ook duurt het bij de mens veel langer voor individuen geslachtsrijp zijn (vgl. 14 jaar met de vier jaar van de chimpansee en bonobo) en wisselt ons gebit steeds later (de ‘verstandskies’).

Andere opvallende verschillen tussen de moderne mens en onze uitgestorven verwant, de Neanderthaler, zijn een veel kleiner seksueel dimorfisme (verschil tussen mannetjes en wijfjes), hoger voorhoofd, minder zware oogkassen, kleinere tanden, delicatere lichamen en, vermoedelijk, meer jeugdige gedragskenmerken als sociale samenwerking, affectie en bereidheid tot leren. Evolutiebioloog wijlen Stephen Jay Gould geloofde daarom dat de mens een neotene soort is, dus dat ons speelse gedrag biologisch bepaald is en niet cultureel aangeleerd.

Wat moet het leidende persoonlijkheidstype worden?

Volgens de twee leidende persoonlijkheidstheorieën heeft ieder mens een bepaalde, relatief vastliggende persoonlijkheid. Opmerkelijk is dat iedere cultuur een persoonlijkheidstype heeft dat maatschappelijk het meeste wordt gewaardeerd. Worden de problemen in de westerse wereld veroorzaakt omdat we het verkeerde persoonlijkheidstype vereren?

Persoonlijkheidstypen
De twee nu leidende modellen, zijn de op het werk van de Zwitserse dieptepsycholoog Carl Gustav Jung gebaseerde Myers Briggs trekkentheorie en de op basis van statistisch en taalkundig onderzoek door diverse psychologen vastgestelde Big Five.  Er zijn ook andere, minder populaire modellen, zoals het PEN-mode van Eysenck, het enneagram-model op basis van inzichten van de mysticus Gurdjieff en het zestien-trekkenmodel van Cattell. Beide leidende modellen zijn zogeheten trekkentheorieën. Dat wil zeggen dat de menselijke persoonlijkheid wordt gezien als het resultaat van een aantal karaktereigenschappen, ‘trekken’, die relatief onafhankelijk van elkaar zijn. Wiskundig kan je dit zien als vier (MBTI) of vijf (Big Five) trekkendimensies. Elke trek kan in wisselende sterkte voorkomen. Psychologen geven in grote meerderheid de voorkeur aan het Big Five trekkenmodel, dat inderdaad wetenschappelijk gezien het minst slecht gevalideerd is. Met de steeds grotere vorderingen op het gebied van het verband tussen hersenanatomie en gedrag, is dit overigens een momentopname. Waarschijnlijk zal de uiteindelijke psychologische ‘persoonlijkheidstheorie van alles’ gebaseerd zijn op de rol en onderlinge samenwerking van hersencentra.

Deze trekken zijn als volgt.

Introversie vs. Extraversie (beide theorieën).
De verschillen tussen introverten en extraverten hebben te maken met informatieverwerking. Introverte mensen denken zeer zorgvuldig na over weinig informatie, terwijl extraverten grote hoeveelheden prikkels verwerken met relatief weinig diepgang. Voor dit onderscheid is er zowel statistisch als neurofysiologisch bewijs.

Gewetensvolheid (Big Five)/Judging (MBTI) versus weinig impulsbeheersing (Big Five)/Perceiving (MBTI).
Gedisciplineerde mensen (volgens de Big Five) leven doorgaans regelmatig en voeren hun taken gewetensvol uit, als gevolg van een actieve frontale cortex. Ze zijn daarom doorgaans succesvoller in persoonlijk leven en beroep, wat ten koste gaat van creativiteit en improvisatievermogen, die in de wisselwerking van linker en rechter hersenkwabben hun oorsprong vinden. Het Myers-Briggs model legt weer de nadruk op wijze van informatieverwerking: judging mensen passen de buitenwereld aan aan hun mentale model, terwijl de perceiving mensen open staan voor invloeden.

Open(Big Five)/iNtuïtief(MBTI) versus gesloten(Big Five)/sensorisch(MBTI).
Open mensen zijn geïnteresseerd in abstracte zaken, zoals theorieën en idealen. Ze zijn dan ook sterk vertegenwoordigd onder bijvoorbeeld Dierenpartij stemmers. Gesloten mensen willen eerst zien, dan geloven en staan weinig open voor nieuwe ideeën. Ze denken en stemmen doorgaans conservatief. Het Myers-Briggs model beschrijft deze tegenstelling als abstractiegericht versus prikkelgericht.

Thinking(MBTI)/Kilheid(Big Five) versus Feeling(MBTI)/meegaandheid(Big Five).
Deze trek maakt onderscheid tussen kille, rationele mensen die voornamelijk intellect en logica gebruiken versus gevoelige, vriendelijke mensen die hun empathie gebruiken. De eerste groep gaat er vanuit dat mensen niet te vertrouwen zijn en zal ook eerder tot kille, onpersoonlijke relaties kiezen, alsmede de nodige bureaucratie en paranoia. De tweede groep vindt empathie en persoonlijk contact belangrijker, wat dan weer een goede voedingsbodem schept voor corruptie en vriendjespolitiek. De vriendelijkheid van deze mensen is verder beperkt: wordt iemand tot buitenstaander gerekend, bijvoorbeeld op grond van huidskleur of culturele gebruiken, dan heeft die persoon een probleem. Dit weerspiegelt de Januskop van het ‘knuffel’hormoon oxytocine, dat zowel de groepsband versterkt als de afkeer en agressie jegens niet-groepsleden versterkt.

Neuroticisme (alleen Big Five).
Neuroten zijn erg gevoelig voor prikkels. Dit betekent ook dat neuroten vaker introvert dan extravert zijn, omdat ze een overmaat aan prikkels proberen te vermijden. Ook zeer intelligente mensen zijn vaak, niet altijd, neurotisch. Hypersensitieve mensen zijn ook vaak neuroten. In een gevaarlijke omgeving zonder mogelijkheden je te verdedigen, zijn neuroten sterk in het voordeel, de reden dat bijvoorbeeld bij niet-islamitische minderheden in islamitische landen neuroticisme veel voorkomt. Uiteraard heb je liever een zorgvuldige neuroot dan een GeenStijl journalistje als process operator in een chemische fabriek. Als verkoper of brandweerman zijn ze dan weer minder geschikt.

De geniale en visionaire uitvinder Nikola Tesla legde de basis voor de elektrificatie van de moderne tijd. Bron: Wikimedia Commons

Culturele persoonlijkheidstypen
Elke cultuur heeft bepaalde normen en waarden, waar weer ideale persoonlijkheidstrekken aan gekoppeld kunnen worden. In de Nederlandse cultuur anno 2012 zijn  dat bijvoorbeeld openheid, vriendelijkheid en extraversie, wat zich manifesteert in een overdaad aan praten, rapporten en imagocampagnes. De Nederlandse culturele held is iemand als Mark Rutte of Emile Roemer: een vriendelijke, niet bedreigend slimme, bourgondische man die niet al teveel de diepte induikt. Kille technocraten en botteriken leggen het af. Toptalenten wijken dan ook snel uit naar het buitenland.
In andere landen (ik zal hier alleen de succesrijke landen behandelen) is dat vaak anders. Zo hebben Duitsers meer respect voor intelligente, weinig meegaande en introverte Draufgängers (gezien bijvoorbeeld het decennialange succes van de Beierse politicus Franz Josef Strauss en nu Merkel). Dit zijn ook de karaktertrekken die Duitsland een wereldleider qua toptechnologie maken. De Duitsers nemen geen genoegen met middelmatigheid; ze willen niet minder dan topkwaliteit.

Leidende Amerikaanse persoonlijkheidstype op Wall Street verantwoordelijk voor ramp
De Verenigde Staten vormen een behoorlijk conservatief land: de prototypische Amerikaanse held is de sheriff, die overtreders van law and order bij de kladden pakt. De voornaamste Amerikaanse bijdrage aan de buitenwereld wordt echter niet geleverd door de conservatieve meerderheid, maar door twee zones waar progressieven zijn  opgehoopt: Californië en New York. Californië, om precies te zijn Silicon Valley, is de plaats waar nieuwe technieken worden ontwikkeld en New York is de thuisbasis van Wall Street, in veel opzichten het financiële centrum van de wereld. Wall Street bestuurt voor een groot deel Silicon Valley, waardoor toch het overheersende persoonlijkheidstype van Wall Street leidend wordt en Wall Street succesvolle beursgenoteerde Silicon Valley-bedrijven, vaak met de hippie-achtige Californische vrijbuitermentaliteit, naar Wall Street-normen ombuigt.

Tijd voor de uitvinder en de architect
Het overheersende persoonlijkheidstype op Wall Street is in Myers Briggs terminologie de ESTP, in Big Five termen de extraverte, kille, korte-termijn denkende opportunist. De extreme versie van dit persoonlijkheidstype is de psychopaat. Dit persoonlijkheidstype gaat in extreme vorm over lijken om korte termijn persoonlijk voordeel te behalen. Europa en de rest van Amerika komt er zo langzamerhand achter dat de gevolgen hiervan rampzalig zijn. Een belangrijke reden voor het Duitse succes is dat de Duitsers dit soort roofkapitalisten buiten de deur hebben gehouden met uitgebreide beschermingsconstructies en veel Duitse bedrijven middelgrote familiebedrijven zijn.

Wil Nederland weer een succesvol land worden, dan moeten we kiezen voor een persoonlijkheidstype dat in staat is lange-termijn en constructief te denken. Vriendelijk en sociaal waar het kan, keihard tegen de enkele mensen die onze vriendelijkheid misbruiken. Er moet volop reden zijn voor nieuwe technische vondsten en creatieve ideeën. Er moet weinig gepraat worden, maar veel gepresteerd. We moeten technische pioniers koesteren en ons meer op waarde gaan toeleggen in plaats van op korte-termijn winst. We moeten een land worden waar een Californiër zich thuis zou voelen. We moeten geen opportunist (ESTP) of zedeprediker (INFJ) verheerlijken, of oppervlakkige levensgenieters (ESFP), maar gaan voor inhoud en innovatie. Ruim baan voor de sociale uitvinder dus, die niet alleen praat maar vooral doet: de visionaire innovator en wetenschapper (ENTP resp. INTP) dus. Laten we ophouden met het geneuzel en met volle kracht problemen oplossen die er werkelijk toe doen.

Lees ook
Gaat introversie de wereld redden?
Hersenscan zal opleiding en baan bepalen
Kakofonia

‘Rijke mensen denken meer aan de toekomst’

Mensen in rijkere landen zoeken veel vaker naar informatie over de toekomst dan inwoners van armere staten, zo blijkt uit een analyse van 45 miljard Google zoekacties. Een team van University College London onthult een “treffende correlatie” tussen het BNP per inwoner van een land en “de neiging van de inwoners over de toekomst na te denken.” Volgens het team zouden hun resultaten wijzen op de intrigerende mogelijkheid dat er een relatie is tussen het economische succes van een land en het zoekgedrag van zijn internettende inwoners.

Future Orientation Index
De methodologie die het team gebruikte was opmerkelijk eenvoudig. UCL wiskundige Steven Bishop en collega’s Tobias Pries, Helen Moat en  Eugene Stanley gebruikten Google Trends om zoekacties uit 45 landen in 2010 te analyseren op het gebruik van de term “2009” en de term “2011”. Om vast te stellen hoe toekomstgeoriënteerd een land was, deelde het team het aantal zoekacties op “2011” door het aantal zoekacties op “2009”. Voor deze verhouding bedachten ze de term FOI, Future Orientation Index. Toen ze de FOI vergeleken met de relatieve rijkdom per inwoner, zoals genoemd in het CIA World Factbook over 2010, ontdekten ze een sterke statistische correlatie. Wijselijk verrichtten ze dit onderzoek niet in 2011. Er is namelijk niet bepaald een correlatie tussen ontwikkeling en geloof in de doemprofetieën over 2012.

Hoe toekomstgeoriënteerd zijn verschillende landen?
Enkele voorbeelden volgen in de tabel hieronder.

Land FOI Inkomen
Rusland 0,6 $ 15 900
Italië 1,0 $ 30 100
VS 1,0 $ 47 600
Canada 1,03 $ 46 600
Frankrijk 1,2 $ 35 000
Gr.-Britt. 1,2 $ 35 900
Japan 1,2 $ 42 800
Duitsland 1,2 $ 37 900

Helaas zijn er geen resultaten over Nederland (BNP in 2010: $40 500) uit de samenvatting van het artikel te halen.

Er blijkt een duidelijke correlatie te zijn tussen toekomstgerichtheid en rijkdom.

Dezelfde correlatie tussen rijkdom en FOI werd ook gevonden in 2009 en 2008 (waarbij de verhouding “2010”/”2008″ resp. “2009”/”2007″ gemeten werd). Teamlid Preis van Boston University denkt dat de verklaring is, dat toekomstgerichtheid leidt tot economisch succes. Een andere mogelijkheid volgens Preis is dat de resultaten internationale verschillen weerspiegelen, mogelijk veroorzaakt door verschillen in beschikbare internet infrastructuur. Deze verklaring is m.i. onaannemelijk: in landen als Rusland is internet vooral populair bij stedelingen, hoogopgeleiden en rijken, die doorgaans meer over de toekomst nadenken dan armen.

Het is de vraag of zoekacties op het komende jaar echt een goede methode zijn om toekomstgerichtheid te meten. Een andere statistische “fout” is dat landjes met minder dan vijf miljoen inwoners weg zijn gelaten. Over het algemeen zouden deze armer zijn en zou de correlatie hier ontbreken. Econoom Greg Taylor van het Britse Oxford Internet Institute, vindt de studie interesssant, omdat nu voor het eerst economische data zijn gebruikt om de “feel good factor” van een land te checken. Hij heeft ook een andere verklaring voor de correlatie.  Volgens hem zijn er in ontwikkelde landen meer culturele activiteiten  die in de toekomst worden gepland, zoals komende filmpremières.

Lange-termijn oriëntatie
Al eerder is door de Nederlander Gert Jan Hofstede onderzoek gedaan naar bedrijfsculturen bij diverse IBM vestigingen. Hierbij vond hij inderdaad dat in landen waar de economie een sterke groei doormaakt, de bevolking zeer sterk toekomstgeoriënteerd is.
Het land dat in zijn onderzoek het laagste scoorde op de culturele dimensie “lange termijn denken” was, weinig verrassend, Pakistan. Pakistan staat vooral bekend van de bloedige sektarische twisten en de verschrikkelijke manier waarop religieuze minderheden en vrouwen door de soennitische meerderheid worden behandeld. Beide komen voort uit een grotere rol van de islam in de afgelopen twintig jaar, waardoor er minder aandacht is voor lange-termijn planning. Dit vertaalt zich ook in een vrijwel afwezige economische groei.

Bron
Tobias Preis,Helen Susannah Moat,H. Eugene Stanley en Steven R. Bishop, Quantifying the Advantage of Looking Forward, Scientific Reports (2012), DOI:10.1038/srep00350

Stage in niet-westerse cultuur verplicht stellen?

Niets is effectiever om de relativiteit van je eigen normen en waarden te zien, dan een paar maanden doorbrengen in een niet-westerse cultuur. Is het een goed idee deze verplicht onderdeel te maken van een middelbare schoolopleiding? De voor- en nadelen.

Onderdeel van mijn opleiding was het doorbrengen van enkele maanden in een niet-westers land. Dit was erg leerzaam. Mensen in een niet-westers land kijken op een heel andere manier aan tegen dingen die wij vanzelfsprekend vinden. Je leert buiten welke luxe je kan en welke dingen noodzakelijk zijn. Je leert ook waarderen welke dingen in ons welvarende liberale landje vanzelfsprekend lijken, maar het niet zijn. Hiervoor is een korte vakantie niet genoeg. Je moet drie tot zes maanden ondergedompeld zijn in een andere cultuur om verder dan een oppervlakkige vakantie-ervaring te kunnen gaan.

Verschillen tussen Nederland en het buitenland als eye-opener

Een verblijf in een niet-westerse cultuur is vaak erg leerzaam.

Een mooi voorbeeld is de extreme risicomijdendheid in Nederland. In derde-wereldlanden zijn dingen vaak veel minder gereglementeerd dan hier. Chemicaliën die hier een uitgebreide vergunning vereisen, mogen daar zonder papierwinkel worden verkocht. Ook de in Nederland totaal doorgeslagen verkeerswetten zijn in het buitenland minder streng. Van een andere vaderlandse obsessie, verzekeringen, hebben ze vaak nog niet eens gehoord. Aan de andere kant kennen niet-westerse culturen andere obsessies. Met eer bijvoorbeeld, of ze kennen een overdreven respect voor fantasiewezens als draken, boze geesten of tirannieke woestijngodjes.

Bredere blik
Als de eigen normen en waarden zo ter discussie worden gesteld, is nadenken over wat waarheid is en wat de beste keuzes zijn op een gegeven moment, onvermijdelijk. Er wordt op deze manier als het ware een culture shock opgewekt. Er zijn drie mogelijke uitkomsten. Of de immigrant handhaaft zijn bestaande denkwereld, of de immigrant neemt die van de vreemde cultuur over, of de immigrant integreert de, naar zijn mening, beste elementen van beiden. De meer starre persoonlijkheden zullen er voor kiezen de eerste optie te volgen. Mensen zonder veel ruggengraat zullen voor de tweede optie gaan. De meeste mensen zullen een of meerdere van de gewoonten uit het land in kwestie overnemen, vooral als deze (volgens de immigrant) beter zijn.

Hoe zou een stage in een niet-westerse cultuur er uit komen te zien?
Tijdens de stage moet de student in kwestie iets nuttigs doen, bijvoorbeeld werken in een lokaal ziekenhuis, bedrijf of onderzoeksinstelling. Zo leert de student niet alleen de buitenkant kennen, maar ook de dagelijkse gang van zaken in de cultuur in kwestie. Van tevoren moet de student in grote lijnen horen hoe het er aan toegaat in het land in kwestie om vervelende verrassingen te voorkomen. Landen waar de bevolking op een gemiddeld tot hoog beschavingspeil staat maar de cultuur toch duidelijk niet-westers is, zoals India, Japan en Peru, hebben uiteraard de voorkeur. Daar valt nog het een en ander van te leren. Het is het beste een beperkt aantal landen te hanteren, zodat Nederlandse stagebegeleiders een oogje in het zeil kunnen houden. De cultuur in kwestie en de inhoud van de stage moet bij de persoonlijkheid van de leerling passen. Zo kunnen jongens met een alcoholprobleem naar Saoedi-Arabië worden gestuurd, wat weer een zeer slechte keuze is voor timide meisjes. Deze kunnen beter naar een land als Nepal of China gaan.

Verplicht stage in niet-westerse cultuur

Bij progressieve Nederlanders bestaan de nodige naief-positieve gedachten over niet-westerse samenlevingen. Bij conservatieven worden alle niet-westerse samenlevingen oop één hoop gegooid. Een verplichte maatschappelijke stage zou veel vooroordelen wegnemen en mensen leren Nederland niet meer als vanzelfsprekend te beschouwen.

Onderdeel van mijn studie was een praktijkperiode in een niet-westers land. Een half jaar wonen en werken in Bangladesh was buitengewoon leerzaam. Ik leerde toen van nabij het leven in een islamitisch land kennen, zo ook de positie die religieuze minderheden en vrouwen in een islamitische samenleving innemen. Onder meer geblakerde hindoetempels en de houding van islamieten ten opzichte van niet-islamieten waren leerzamer dan welke Fitna-achtige documentaire ook. Ook leerde ik van nabij wat de invloed is van de overheid en, uiterst belangrijk, welke dingen we in Nederland als vanzelfsprekend beschouwen maar dat niet zijn. Ik leerde dat het leven gewoon doorgaat zonder stromend water en elektriciteit. Dat de mensen in derdewereldlanden niet dommer zijn dan wij, alleen sociaal gezien op een andere (doorgaans economisch minder productieve) manier georganiseerd.

Ook anderen die vergelijkbare ervaringen hebben opgedaan weten dat nu. Echter: die mensen vormen maar een kleine groep van de Nederlandse bevolking mensen op bijstandsniveau en hun kinderen hebben domweg het geld niet om een langere periode in het buitenland door te brengen. Het gevolg is dat ze absurde ideeën hebben over het leven in niet-westerse landen, vaak slechts op basis van een korte vakantietrip met louter positieve ervaringen of televisiebeelden van rampen.

Stages in een niet-westers land zijn doorgaans uiterst leerzaam. Bron: supo.be

Sommigen vinden de westerse samenleving verdorven en denken dat niet-westerlingen zuiverder en puurder zijn dan westerlingen. In extreme gevallen betekent dat dat ze doorslaan naar een extreme haat van alles wat met de westerse samenleving te maken heeft. Voorbeelden daarvan zijn Anja Meulenbelt en Gretta Duisenberg. Anderen vinden dat we niets van niet-westerse beschavingen kunnen leren en door onze (meestal) hogere welvaart per definitie superieur zijn.

Ook de negatieve ervaringen in Nederland met overwegend islamitische immigranten dragen hier toe bij. Dat is jammer. De meeste mensen in niet-westerse culturen zijn gastvrij en bieden nieuwe filosofische inzichten, hebben vaak kennis en vaardigheden die in Nederland zijn geatrofieerd. In India kan je in een trein van het ene op het andere moment verzeild raken in een pittig gesprek over visionaire onderwerpen. In Nederland kan je meegenieten van het dronken gebral van voetbalsupporters.

Mensen bijvoorbeeld een half jaar door laten brengen in een niet-westerse land zou zeer leerzaam zijn voor veel mensen. Ze zouden op deze manier leren wat de realiteit is van het leven in een niet-westers land. Hun culturele denkraam zou enorm uitgebreid worden en ze zouden zowel de positieve als negatieve kanten van de Nederlandse samenleving waarderen. Aan de andere kant zouden ook de inwoners van niet-westerse landen op deze manier kennis maken met doorsnee inwoners van westerse landen. Of dat laatste altijd positief zal werken is de vraag,  maar het zal in ieder geval veel culturele misverstanden oplossen.

Sciencefiction waardevoller dan literatuur

De Nederlandse overheid strooit elk jaar vele miljoenen rond om de letteren te subsidiëren. De resultaten zijn bedroevend. Een grote hoeveelheid voor een groot deel onleesbaar proza daalt elk jaar op het Nederlandse lezerspubliek neer. Tegelijkertijd wordt sciencefiction verguisd door de literaire pausen. Toch heeft sciencefiction een grotere invloed op de maatschappij dan literatuur.

Literatuur: geen vooruitgang
Literatuur wordt wel gedefinieerd als: een verzameling teksten die door de smaakmakende gemeenschap als waardevol wordt beschouwd en volgens die gemeenschap bijzondere kenmerken heeft. Een schrijver wordt dus tot de literatoren gerekend als hij of zij er in slaagt bij de smaakmakende gemeenschap in de smaak te vallen. Deze ‘smaakmakende gemeenschap’ bestaat voornamelijk uit een aantal zure, grijzende, over het algemeen ‘progressieve’ literatuur-recensenten die voor het grootste deel woonachtig zijn binnen de Amsterdamse grachtengordel. Anders dan het vleiende epitheton ‘progressief’ doet vermoeden, is er niet bijster veel progressie te ontwaren in dit circuit (integendeel zelfs). De “gewichtige levensvragen” die door de dames en heren literatoren worden besproken, zijn nog steeds dezelfde als die vijftig jaar geleden werden besproken, zij het dat nu wat taboes met betrekking tot bijvoorbeeld seks of religie zijn gesneuveld. Ook met de ‘maatschappelijke relevantie’ en ‘bewogenheid’ die in vervlogen tijden zo belangrijk werd geacht, wilde het niet echt vlotten (al heeft de literatuur deze pretenties laten varen).

Science fiction: gehaat door het literaire wereldje

Door de, wel, opmerkelijke uitdossing van bezoekers van science fiction conventies maakt het genre een weinig serieuze indruk op de literaire pausen.

Er is een ander literair genre, dat door de over het algemeen alfa-geschoolde literatoren wordt genegeerd en geridiculiseerd: sciencefiction. Schrijvers en liefhebbers van science fiction zijn eveneens intelligente mensen, maar hebben een totaal andere achtergrond dan de literair leidende kringen. Het gaat hier over het algemeen om bèta’s, mensen met een natuurwetenschappelijke achtergrond. Ze dossen zich op sciencefiction conventies raar uit, dragen foute brillen en kleding. De reden dat er door de literatoren met enig dedain wordt neergekeken op science fiction. De enige literaire grootheid die zich wegens zijn onaantastbare status de laatste jaren af en toe op SF-terrein durfde te storten, was wijlen Harry Mulisch met De Ontdekking van de Hemel (dit laatste met amusante gevolgen, zo had het heelal volgens hem een middelpunt) en De Procedure. Ook een van de weinige literatoren die leesbaar kon schrijven trouwens, wat voor anderen een doodzonde schijnt te zijn.

Fundamenteel, veelzijdig en diepgaand
Sciencefiction houdt zich niet alleen bezig met het zeer beperkte domein van de menselijke ervaring en de intermenselijke interactie, maar met alle mogelijk denkbare menselijke maatschappijen of zelfs niet-menselijke samenlevingen (en persoonlijkheden). Sciencefiction verschaft een ongekend laboratorium voor sociale en psychologische gedachtenexperimenten, maar is nog veel meer. Ook de wetenschap en techniek, alsmede de consequenties die deze op de mens hebben, worden verkend. Wetenschap en techniek heeft een allesoverheersende invloed op de mens en de mensheid. Onze wereld is nu totaal anders dan die in de middeleeuwen, niet omdat onze ideeën veel veranderd zijn maar door de ontwikkeling van technieken, die de mens in staat stelden zijn lot in eigen hand te nemen en daarmee religie op enkele punten overbodig maakt.

Sciencefiction maatschappelijk zeer relevant
Ironisch genoeg scoort sciencefiction wat het initiëren van maatschappelijke veranderingen aangaat, beter dan de sociaal bewogen schrijvers uit de haren zeventig. Uitvinders van zaken als de mobiele telefoon, medikits en communicatiesatellieten hebben zich naar eigen zeggen zeer laten inspireren door SF-verhalen of SF-series als Star Trek. H.G. Wells voorspelde in zijn boeken al de laser. Sciencefiction schrijvers hielpen de intellectuele horizon van de mensheid te verbreden en een klimaat te scheppen waarin buitengewone uitvindingen konden worden gedaan. Sciencefiction waarschuwt ook voor de schadelijke gevolgen van bepaalde technologieën en vervult hiermee een onmisbare waarschuwingsfunctie. Sciencefiction stelt de vraag wat een mens en wat menselijkheid inhoudt scherp op een manier die door geen ander literair genre wordt overtroffen. Op dit moment is sciencefiction in Nederland ingezakt. Er worden vrijwel alleen fantasyboeken verkocht. Jammer. Door het verlies van sciencefiction raken de Nederlanders hun venster op de toekomst en een onovertroffen inspiratiebron kwijt.

Culturele agitprop: de voordelen

SF-schrijver Frank Herbert introduceerde in zijn Duin-cyclus het begrip panoplia prophetica: het verspreiden van mythes om hiermee voordelen te bereiken voor leden van de Bene Gesserit, een bepaalde politiek-religieuze orde. Wellicht kunnen we iets soortgelijks doen om er voor te zorgen dat objectief voor de mens goed uitpakkende normen en waarden worden verspreid over de wereld.

Objectief goede normen en waarden
Wij geloven dat alhoewel er enorme verschillen bestaan tussen diverse culturen, de mens als biologisch wezen niet wezenlijk verschilt, waar ter wereld hij of zij ook opgroeit. Genetica en DNA hebben weliswaar een enorme invloed op gedrag, maar de mensheid is genetisch extreem homogeen, veel homogener dan de meeste andere soorten. Het is dus redelijk om de mens als maat der dingen te stellen en alle culturele elementen die goed uitpakken voor de ontwikkeling van de mens en de mensheid (en de aardse ecosfeer waar deze deel van uitmaakt) op lange termijn, als superieur te beschouwen aan culturele elementen die dat niet doen.

Een voorbeeld van een dergelijke waarde is de Gulden Regel: behandel een ander zoals je zelf behandeld wilt worden. Als alle mensen in de hele wereld de Gulden Regel consequent zouden hanteren, zou hiermee een einde komen aan de meeste misdaad en menselijk leed. De misverstanden tussen mensen met verschillende persoonlijkheden, culturele misverstanden en mannen en vrouwen zouden uiteraard blijven bestaan. Dus vervelen zullen we ons nooit. Of een fundamenteel optimisme: er is altijd hoop op een beter leven, voor iedereen.

Geweld en fatalisme
Op dit moment zijn er twee grote filmindustrieën met een impact die ver buiten de landsgrenzen reikt: die in Hollywood en die in Bombay en Mumbai, “Bollywood”. In films van beide industrieën wordt geweld verheerlijkt als middel om problemen op te lossen en komt er ook steeds meer geweld voor. Dit grijpt terug op de Amerikaanse mythologie van de lone cowboy die het onrecht bestrijdt met grof geweld en de Hindoe-mythologie, waarin godinnen als Kali of Krishna met geweld ingrijpen om onrechtdoeners te bestrijden. Dergelijke films zijn populair, vooral in gewelddadige samenlevingen en subculturen. Ook hebben censors (zoals de Amerikaanse en de Indiase) minder problemen met gewelddadige films dan met films waarin seks voorkomt. Het gevolg is dat gewelddadige groepen zoals criminele bendes en terroristische groeperingen weinig moeite hebben om jongeren te vinden die zich bij hen aan willen sluiten.

In de Bollywood-blockbuster Koi... mil gaya geneest het buitenaardse wezen Jadoo de geestelijk gehandicapte Rohit Mehra en verandert hem in een genie.

Het is jammer dat er niet meer films komen waarin de held door slimheid of door creativiteit en samenwerking  in plaats van met grof geweld afrekent met criminelen of met misstanden.

Beide filmindustrieën maken films met een anti-fatalistische boodschap: de helden zijn vaak mensen die vechten tegen het noodlot en winnen. Ook schurken komen vaak vlak voor ze sterven tot inkeer. Dit is erg gewenst en je merkt ook dat hierdoor in fatalistische samenlevingen, zoals de islamitische en de oosterse, een sterke “undercurrent” ontstaat van de hoop op verandering. Een van de grootste Bollywood-blockbusters, Koi… mil gaya, had juist deze boodschap (een buitenaards wezen geneest een geestelijk gehandicapte jongen die verandert in een held) en werd juist daarom erg populair.

De laatste tien jaar zijn fatalistische films, waarin vampieren en andere duistere wezens de heldenrol spelen erg populair in Hollywood. Er lijkt een einde te komen aan het Amerikaanse optimisme, alleen de agressie blijft over. De kleine filmindustrie in Europa en (vooral) de islamitische wereld is al fatalistisch. Alleen films met een tragisch einde zijn namelijk populair in landen als Irak. Nu moet gezegd worden dat de geschiedenis hier ook wel aanleiding toe geeft.
Alleen Hongkong blijft over. Hopelijk wordt deze fatalistische trend omgekeerd, is het niet door de Amerikanen zelf, dan door anderen, de ondernemende Chinezen van Hongkong bijvoorbeeld.

Underground open-source film- en gameindustrie
Sociale activisten kunnen hun toevlucht zoeken tot open-source films. Per slot van rekening wordt computerapparatuur steeds beter en zijn er nu goede open-source game engines, die ook kunnen worden gebruikt om filmbeelden te genereren. In die films kunnen ideeën worden verspreid om mensen met meer warmte en respect voor elkaar om te laten gaan en om hoop te verspreiden. We moeten de wolk van doem en hopeloosheid die zich over de wereld verspreidt, stoppen.

Films zijn echter in veel opzichten ouderwets. Games zijn populairder dan films en trekken vooral veel jongeren aan. Wat let ons om games te ontwikkelen waarbij de spelers geen schurken, fantasiemonsters of aliens overhoop knallen, maar mensen helpen door creativiteit en de wetenschappelijke methode toe te passen?

Multiculturaliteit: ruimdenkendheid of oppervlakkigheid?

Ze kunnen het wel als ze maar willen. Af en toe is zelfs de onder intellectuelen beruchte TV-zender SBS6 filosofisch baanbrekend bezig. Het TV-programma Groeten uit de Rimboe, alhoewel voor een groot deel doorgestoken kaart, toont de vaak vermakelijke belevenissen van Nederlanders die worden geconfronteerd met leefgewoontes die radicaal afwijken van wat ze gewend zijn. Uit de klei getrokken Hollanders, gewoonlijk niet verder van huis dan de vakantiekampen aan de Turkse rivièra, worden gedwongen na te denken over dingen die ze in Nederland vanzelfsprekend lijken. Wat zouden de gevolgen zijn als niet alleen enkele families, maar alle Nederlanders een dergelijk avontuur zouden meemaken? Of… maken we dat al mee?

Comfort zone
Mensen kennen een comfort zone, een verzameling gedragingen die bij een leefwereld hoort waar ze liever niet tijd buiten doorbrengen. Buiten de comfort zone voelen mensen zich onveilig. De zone hangt nauw samen met persoonlijkheid, intelligentie en opleiding en verschilt per persoon in grootte en vorm, met zware autisten aan de ene kant en flamboyante exhibitionisten aan de andere kant. Uiteindelijk komt er voor iedereen een punt waarop de bestaande normen en waarden zo onder druk komen te staan dat sprake is van een cultuurschok.

Cultuurschok
Volgens Paul Pedersen (1995)  zijn er vier stadia in de cultuurschok (1). In het eerste ‘honeymoon phase‘ stadium (die ongeveer drie maanden duurt) lijkt de vreemde cultuur sprookjesachtig, opwindend en dus aantrekkelijk. Vandaar de populariteit van korte vakanties.

De multiculturele samenleving komt neer op naast elkaar heen leven.

De tweede fase is de negotiation phase waarin de realiteit van de andere cultuur doordringt, vaak gekenmerkt door gevoelens van angst en eenzaamheid. Een cultuur kent een code van ongeschreven regels, denk aan gebaren en andere lichaamstaal, statusindicatoren en wereldbeschouwing. In de derde fase, adjustment phase, probeert de cultuurmigrant zich aan te passen, waar in de vierde fase, mastery phase, de culturele migrant een evenwicht heeft gevonden tussen zijn oorspronkelijke cultuur en die van de gastcultuur. Bij terugkeer in de cultuur van herkomst treedt er soms een nieuwe cultuurschok op, de vijfde fase.

De gevolgen van een cultuurschok zijn een afwisseling van euforische en depressieve momenten. Sommige mensen gaan er aan onderdoor, onder Oost-Indië gangers bekend als tropenkolder, anderen bereiken een nieuw bewustzijnsniveau waarin de andere leefwereld wordt geïntegreerd in de bestaande leefwereld, m.a.w. een grotere comfort zone. Liefhebbers van de multiculturele doctrine denken daarom dat het blootstellen van de Nederlanders aan een permanente cultuurschok zal leiden tot een wereld vol ruimdenkende, cultuurrelativerende D’66 stemmende lieden met een enorm grote comfort zone. Maar klopt deze theorie wel?

Leidt de multiculturele samenleving tot een grotere comfort zone?
De comfort zone is nauw verbonden met iemands identiteit: de evenwichtstoestand waarin een persoon zich bevindt. De grootte van de comfort zone hangt, blijkt uit onderzoek onder Vietnamese immigranten in Australië, (2) , nauw samen met de mate van openheid (doorgaans: intelligentie) en flexibiliteit. Dit kan overigens ook te maken hebben met de voor extraverten veel geschikter open Australische samenleving. In het Big Five persoonlijkheidsmodel staan de laatste twee eigenschappen bekend als openheid en extraversie. Iemands persoonlijkheid verandert niet snel. Met andere woorden: een introvert, gesloten persoon zal niet snel een grote comfort zone ontwikkelen. Overigens is de grote comfort zone van een extravert persoon schijn. Hij is weliswaar groot in bereik, maar niet erg diep. De reden dat extraverten snel in paniek raken als er meer diepgang is vereist. Wat oprekken van de comfortzone lijkt, is meestal een grotere oppervlakkigheid.

Het is dus de vraag of de multiculturele samenleving inderdaad leidt tot een groter denkraam bij de meeste mensen. Als die theorie zou kloppen, zouden zogeheten progressieve partijen het veel beter in de peilingen en verkiezingen moeten doen dan dertig jaar geleden, toen er nog nauwelijks niet-westerse immigranten in Nederland woonden. Ook zouden de wereldgerechten niet aan te slepen moeten zijn. In werkelijkheid wordt tegenwoordig de eigen cultuur tot blonde boerenmeiden aan toe verheerlijkt in commercials en is het grote electorale nieuws juist de opkomst van anti-multiculturele partijen als die van Fortuyn en Wilders. Veel van de politici en stemmers op dergelijke partijen (Wilders zelf bijvoorbeeld) hebben in een andere cultuur gewoond of hebben de cultuur in hun woonomgeving zien veranderen. Anderen zien de samenleving als geheel veranderen op een manier die ze niet aanstaat. Het antwoord lijkt dus te zijn: een bepaald menstype voelt zich lekker in een multiculturele samenleving. Het is niet zo dat een multiculturele samenleving de multiculturele mens creëert.

Hoe het dan wel moet? Mogelijk wijst India de weg. Juist de introverten bieden in India namelijk een bindend element…

Bronnen
1. Pedersen, C. (1995), The five stages of culture shock: critical incidents around the world
2. Mak, A. en Tran, C. (2001), Big five personality and cultural relocation factors in Vietnamese Australian students’ intercultural social self-efficacy

Kakofonia

Er is steeds meer nodig om de aandacht van mensen te trekken. Honderden jaren terug was de dorpskermis het absolute hoogtepunt in het bestaan van plattelanders en gespreksstof voor maanden. Nu moeten mensen die een boodschap willen verspreiden hun toevlucht zoeken tot steeds extremere middelen om de aandacht te trekken. Welkom in het lieflijke Kakofonia….

Steeds meer bekende Nederlanders

Het bestaan als bekende Nederlander wordt steeds zwaarder.

Aandacht is een schaars en steeds waardevoller goed. Bekende Nederlander of Vlaming zijn betekent een voortdurende worsteling om voorbij te komen in allerlei roddelrubrieken. Er komen ook steeds meer concurrenten in de strijd om de aandacht te trekken. Tot overmaat van ramp laten steeds meer mensen de televisie links liggen…

Oorlog om aandacht
Voor adverteerders geldt hetzelfde. Technisch verschillen producten steeds minder van elkaar omdat succesvolle innovaties in recordtempo door concurrenten worden overgenomen.

Slechte producten produceren is, denk aan de six sigma filosofie, tegenwoordig domweg te duur geworden. Economisch gezien bestaat viervijfde of meer van de toegevoegde waarde van een product uit lucht: image, een merknaam en dergelijke. Nike is een berucht voorbeeld: een paar schoenen dat voor bijna honderd euro in de winkel ligt, kost de fabrikant slechts twee tientjes om te laten maken.
De strategie van fabrikanten werpt haar vruchten af. Reclamecampagnes zijn zo effectief dat consumenten zelfvertrouwen krijgen door dure merkproducten te kopen. Dit lukt alleen door voortdurend de aandacht te trekken.

Deze arme kat is het laatste slachtoffer in de meedogenloze strijd om aandacht.
In feite zijn ook kunstenaars mensen die hun ideeën verkopen. Een succesvolle kunstenaar weet voldoende aandacht te trekken door grenzen te verleggen zonder te ver over de schreef te gaan. Filmmakers en toneelspelers: idem. De veiligste strategie is net het randje op te zoeken.

Het gevolg: we zien een langzame verschuiving naar steeds extremere uitingsvormen om zo het afgestompte publiek maar te kunnen bereiken.
Het schrikbeeld van de conservatieven is het oude Rome, waar om de kwijnende bezoekersaantallen op te krikken en de concurrentie met de circusspelen maar niet te verliezen, de toneelstukken steeds levendiger werden, inclusief openbare seks en het doodsteken van toneelspelers (meestal slaven).

Het gevolg daarvan is dat vooral introverte mensen zich steeds meer terug gaan trekken uit de maatschappij. Het verklaart ook de tegenwoordige populariteit van godsdiensten die zich toeleggen op het zoveel mogelijk verwijderen van prikkels uit het straatbeeld. Aan de luidruchtige vrijheden van het Romeinse Rijk kwam een einde door de opmars van het christendom.

De toekomst
Zal de wereld over twintig jaar nog veel schreeuweriger zijn dan nu? Er zijn twee trends waarvan de onderlinge krachtmeting het antwoord op deze vraag zal bepalen. Naast de al beschreven wapenwedloop op het gebied van professionele aandachttrekkerij, is dat het steeds ouder worden van de gemiddelde mens, zeker in Europa. Ouderen houden niet van felle prikkels en scoren in een persoonlijkheidstest dan ook gemiddeld introverter dan jongeren.

Kortom: televisiezenders waarop veel ouderen komen zullen de hoeveelheid prikkels moeten dimmen of veel kijkers kwijtraken. Zelfs voor een oudere is het maar weinig moeite het knopje van het concurrerende kanaal in te drukken en dat doen ze dan ook geregeld als de potsenmakers in Hilversum het te bont maken.

Daarentegen is het veel lastiger om ouderen over te halen van merk te veranderen dan jongeren. Reclamemakers moeten dus alles uit de kast trekken om toch nog hun omzet te kunnen maken. Misschien wordt angstzaaien de nieuwe reclamehit. Een lastig dilemma. Blij dat ik geen reclamemaker ben…

Dutch